Adama van Scheltema/Avond na regen
Uit Wikisource
Avond na regen
Er waren nog vegen van vuur in den avond,
- Die verdween in den walmigen dauw
- Na den druipende regen.
- Na den druipende regen.
Uit de rookende weiden, vol bange geheimen,
- Rezen benevelde boomen
- Als stille giganten.
- Als stille giganten.
En nog een late koe loeide van verre -
- En nog de roep van een koekoek -
- En toen niet meer.
- En toen niet meer.
Alleen nog droppelde 't slapende loover -
- En de booze beek vluchtte
- Naar een donker oord.
- Naar een donker oord.
En toen verdwene' alle levende dingen
- In het angstige doofstomme duister -
- En om mij groeide de nacht.