Adama van Scheltema/De wijde wereld

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
De wijde wereld van Carel Steven Adama van Scheltema
Uit Van zon en zomer


De wijde wereld lag te grijp,
Een vogeltje speelde er wat, -
Ik droomde en rookte een zomerpijp,
En dacht zoo - en streelde maar wat.

De wijde wereld lag te kijk,
Een beestje werd ergens geboren, -
In 't mooie malsche zomerrijk
Ging een ander weer ergens verloren.

Ik keek de wijde wereld in,
En dacht, zoo'n beetje zelfzuchtig:-
Wees jij weer kind, als in 't begin!
Wat wijzer! - wat minder luidruchtig!