Adama van Scheltema/Oudejaarsavond 1900

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Oudejaarsavond 1900 van Carel Steven Adama van Scheltema
Uit Eerste Oogst

Vrienden! wij moeten danken de jaren,
die besloten zijn: -
Zij hebben ons geleerd, en hunne kerven
zijn geschreven op ons gebeente.
Dank!

In het Westen heeft de Tijd de bloed-
besmeurde poorten gesloten, -
De Dood heeft haar vernageld met de
zilveren sterren van den hemel.
Dank!

Wij weten, waarom de bleeke hoofden
der verslagenen zijn gevallen
Als witte sneeuwvlokken in den nacht.
Dank!

De sneeuw is gedaald als een doodshemd
over de wereld, -
Wij weten, dat het bloed nog heet is,
waarvan de velden zijn gedrenkt.
Dank!

De lichte vensters der kerken hebben
onze oogen niet verblind.
Want ons hart is grooter dan de ruimte
hunner schepen.
Dank!

Wij hebben niet genomen het vleesch en
het bloed van Christus.
Want de Christenen hebben óns vleesch
gegeten en ónze tranen gedronken.
Dank!

Wij zijn moeten afklimmen in de aarde
om er goud te graven.
En daarom hebben wij de sterren aan
den lichten hemel kunnen zien.
Dank!

In de diepten hebben wij de ijzeren sleutels gevonden,
Die geroest waren in het bloed onzer vaderen.
Dank!

De eeuw is voorbijgegaan, en haar schaduw
is in ons gebleven
Als het oog van een karrepaard, dat sterft
voor onze voeten.
Dank!

De sneeuw is om onze schouders gevallen
tot een zinnebeeld,
Want wij zijn de witte pilaren, waarop
onze kinderen zullen bouwen.
Dank!

Luister naar de uren, die wegrijden als
heksen in den nacht! -
Hoor naar de uren, die om onze hoofden
vallen als een krans primula-veris!
Dank!

Vrienden! wij zijn uitgegaan in den nacht - -
Maar de morgen zal uit onze handen
opbloeien als een tuil van witte violen!
Dank!