Algemeen Handelsblad/Jaargang 100/Nummer 32532/Ochtendblad/Bernstein over de jonge acteurs
| ‘Bernstein over de jonge acteurs’ door een anonieme schrijver |
| Afkomstig uit het Algemeen Handelsblad, vrijdag 23 september 1927, Ochtendblad, derde blad, p. 9. Publiek domein. |
BERNSTEIN OVER DE JONGE ACTEURS.
Onze Parijsche correspondent meldt:
Henry Bernstein schrijft in „Comoedia” een artikel vol bewondering voor en waardeering van het spel van de vertolkers van „Le Venin”, dat na de heropening van het „Gymnase” zijn roemrijke loopbaan voortzet. Natuurlijk is dit meteen een kleine herinnering aan dit feit, en dus reclame, maar die hulde is volkomen verdiend — „Le Venin” wordt inderdaad schitterend gespeeld, geeft een van de best-denkbare voorbeelden van volmaakt-àf Parijsch tooneelspel.
Interessant is wat deze scherpe opmerker zegt over de neigingen van de jongere tooneelspelers.
„Deze kunst — schrijft hij — heeft zich in de laatste vijftien jaar geheel vernieuwd: men bemerkt dat al heel spoedig wanneer men praat met de jonge mannen. Deze zijn zeker niet minder verlangend dan hun voorgangers om rollen te spelen van beteekenis en goed allooi, maar zij hebben geleerd dat hun persoonlijk succes geheel afhing van de waarde van het tooneelstuk en van den totaal-indruk der voorstelling.
„Verre van — zooals vroeger voorts voorkwam — een al te schitterende nabuurschap te vermijden, vinden de artisten van deze nieuwe school de meest oprechte vreugde in het zich vereenigd gevoelen bij de interpretatie van een werk, bij het zoo dikwijls mogelijk samenwerken, het „werken in de ploeg”, zooals zij zeggen. En hun wederzijdsche waardeering, de kennis die ieder heeft van het spel der anderen, geven aan de stukken die zij spelen een aangenamen, soepelen gang, en vooral een wáárheid vol stijl — te weten juist het tegenovergestelde van dat ellendige „verisme”, dat vele acteurs van onzen tijd, helaas, verwarren met eenvoud en oprechtheid.”