Anoniem/Een nieuwe verkeersweg

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Een nieuwe verkeersweg
Auteur(s) Anoniem
Datum Donderdag 10 januari 1935
Titel Een nieuwe verkeersweg
Krant Het Vaderland
Jg 66
Editie, pg {{{editie}}}, Avondblad A, p. 3
Opmerkingen Herman Rosse vermeld als H. Rosse
Brontaal Nederlands
Bron kranten.kb.nl
Auteursrecht Publiek domein

EEN NIEUWE VERKEERSWEG.


      In een op Maandag 14 Januari des avonds te kwart over acht in Pulchri Studio te houden algemeene vergadering van de Vereeniging voor Handel, Nijverheid en Gemeentebelangen, zal worden behandeld het onderwerp: „Een nieuwe verkeersweg en de toekomstige ontwikkeling van den Haag”, met lichtbeelden.
      Inleiders zijn prof. H. Rosse, hoogleeraar aan de Technische Hoogeschool te Delft, en Jan Wils, architect te Voorburg.
      Deze vergadering wordt gehouden in verband met de van 14 tot en met 23 Januari in Pulchri te houden tentoonstelling van een serie schetsplannen, ontworpen door prof. Rosse en Jan Wils.
      De ideeën, die in deze plannen zijn uitgedrukt, zijn te splitsen in vier aan elkaar verwante, doch tevens onafhankelijke elementen.
      1e. een verkeersweg vanaf den Rotterdamschen weg via het terrein van het Staatsspoor naar Scheveningen, met loodrecht daarop een verkeersweg in het verlengde van de Sportlaan. Dit plan geeft gelegenheid tot het stichten van enkele voorname gebouwen, waaronder bijv. een nieuw Centraal Station, en biedt een oplossing van het verkeersvraagstuk in verband met het interlocale verkeer van Amsterdam, Rotterdam en Utrecht eenerzijds en de Zuidwestelijke gedeelten van de stad en den Hoek van Holland anderzijds.
      2e. Enkele doorbraken door de binnenstad in verbinding met de bovengenoemde hoofdaders van intercommunaal verkeer.
      3e. Een bebouwing van het stadsdeel tusschen Spui, emplacement Staatsspoor-Bezuidenhoutscheweg en Heerengracht als stadscentrum met overdekte markt, parkeerterrein, concertgebouw, schouwburg enz.
      4e. Een idee voor een wereldtentoonstelling waaruit de onder 3e genoemde gebouwen blijvend zouden kunnen worden overgehouden.