Burgeroorlog in Frankrijk/I. 12 april 1871

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Het vandalisme van de “beschermers van de beschaving” Burgeroorlog in Frankrijk van Karl Marx

Uit brieven aan Kugelmann over de Parijse Commune: I. 12 april 1871

Uit brieven aan Kugelmann II. 17 april 1871


I[bewerken]

Londen, 12 april 1871

Waarde Kugelmann,

. . .Wanneer je het laatste hoofdstuk van mijn Achttiende Brumaire naleest, zul je vinden dat ik als eerstvolgende poging van de Franse revolutie verwacht dat niet meer als vroeger zal worden getracht de bureaucratisch-militaire machine van de ene hand in de andere over te dragen, maar haar te breken, want dit is de eerste voorwaarde voor een werkelijke volksrevolutie op het vasteland.

Dit is ook de poging van onze heldhaftige Parijse partijgenoten. Welk een veerkracht, welke een historisch initiatief, welk een opofferingsgezindheid in die Parijzenaars! Na zes maanden uithongering en ondergang in ellende, nog meer door verraad van binnen dan door de buitenlandse vijand, komen zij onder de Pruisische bajonetten in opstand, alsof er nooit een oorlog tussen Frankrijk en Duitsland had bestaan, en alsof de vijand niet nog voor de poorten van Parijs stond. De geschiedenis kent geen dergelijk voorbeeld van gelijksoortige grootheid! Wanneer zij worden verslagen, is dit alleen te wijten aan hun “zachtmoedigheid”. Men had onmiddellijk naar Versailles moeten optrekken, nadat eerst Vinoy en vervolgens het reactionaire deel van de Nationale Garde het veld had geruimd. Uit gewetensbezwaren lieten zij het goede ogenblik voorbij gaan. Men wilde de burgeroorlog niet beginnen, alsof de “mischievous avorton” #7, Thiers de burgeroorlog niet reeds was begonnen met zijn poging tot ontwapening van Parijs!

Tweede fout: het Centraal Comité gaf zijn macht te vroeg uit handen om voor de Commune plaats te maken. Alweer uit al te “eerwaardige” nauwgezetheid van geweten. Hoe het ook zij, de huidige opstand in Parijs, al moet hij ook bezwijken tegen de wolven, de zwijnen en de gemene honden van de oude maatschappij, is de roemrijkste daad van onze partij sedert de Juniopstand.

Vergelijk eens met deze hemelbestormers van Parijs de hemelslaven van het Duits-Pruisische heilige Roomse Rijk, met zijn postume maskerades, riekende naar kazerne, kerk, kooljonkers en vooral naar filisterdom.

A propos. In de officiële publicatie van de direct uit L. Bonapartes kas gesubsidieerden is een aantekening gevonden dat Vogt in augustus 1859 40.000 Franks heeft ontvangen! Ik heb dit feit aan Liebknecht meegedeeld om er verder gebruik van te maken.

Je
K. M.

Voetnoot[bewerken]

7 Misdadige misgeboorte. — Red.