Dagblad van Zuidholland en 's Gravenhage/Jaargang 220/Nummer 102/Duitschland
| ‘Duitschland’ door een anonieme schrijver |
| Afkomstig uit het Dagblad van Zuid-Holland en ’s-Gravenhage, zaterdag 1 mei 1886, tweede blad, [p. 685]. Publiek domein. |
Duitschland.
Eergisteren woonde Keizer Wilhelm, in den besten welstand, de wedrennen in de Hoppegarten bij. Hij hield er zich anderhalf uur bij op, terwijl hij al dien tijd of liep of stond. De toeschouwers waren verbaasd over de lichamelijke frischheid van den hoogbejaarden Monarch.
— De gezondheidstoestand van graaf Herbert Von Bismarck boezemt ook nu nog geen bezorgdheid in. Zijn betrekking van onder-Staatssecretaris bij Buitenlandsche Zaken wordt waargenomen door den chef der tweede afdeeling aan dat Departement, graaf Berchem. Daartoe werd besloten, omdat graaf Von Bismarck in het gunstigste geval nog in geruimen tijd zijn functiën niet zal kunnen waarnemen.
— Keizer (Koning) Wilhelm heeft de kolonisatiewet voor Posen bekrachtigd. De verordening nopens de instelling van een Koninklijke commissie tot uitvoering der wet wordt voorbereid; zij nadert reeds haar voltooiing.
— De wetsvoorstellen betrekkelijk de brandewijnbelasting, welke nu bij den Bondsraad zijn ingediend, bestaan — gelijk reeds vroeger ondersteld werd — bestaan uit een wet en een subsidiaire wet. Beiden berusten op het beginsel van een consumtiebelasting en beiden zullen enkel werken in de Noord-Duitsche Staten. De inhoud zal niet worden gepubliceerd vóórdat do ontwerpen bij den Rijksdag zullen worden ingediend.
— Eergisteren hebbende Kroonprins en Kroonprinses, hun zoon Hendrik en hun dochters Victoria, Margaretha en Sophia een bezoek gebracht bij den Keizer, om van hem afscheid te nemen voor hun vertrek, respectievelijk naar Homburg en Londen.
— Men wil, dat de Koning van Beieren verlangt, dat door den Staat een leening zal worden gesloten, waaruit zijn particuliere schulden zullen worden voldaan. De aflossing en de interessen, zouden dan uit de civiele lijst worden betaald. De patriotsche partij zou geneigd wezen zulk een wetsvoorstel te steunen, doch dan zou — zoo althans verhaalt een liberaal blad — een Ministerie-Von Franckenstein moeten optreden. Het zou dientengevolge twijfelachtig wezen, of de bewuste wet door het tegenwoordig Bewind zal worden ingediend.
— Aan den Rijksdag is overgelegd een Memorie, waarin een systematisch overzicht wordt geleverd van al de wettelijke bepalingen, welke in de onderscheiden landen van Duitschland bestaan met betrekking tot de Zondagsheiliging. Uit die gegevens blijkt, dat er groote verscheidenheid van wetgeving ten aanzien der Zondagsrust bestaat. Toch moet de Regeering niet geneigd wezen de zaak door den Rijkswetgever te doen regelen, ten einde de vrijheid van beweging der verschillende Bondsstaten op dit punt, zoo nauw met de religieuse opvattingen verbonden, niet te belemmeren.
— De intoebtsfeesten vqn Prins Wilhelm van Wurtemberg te Stuttgardt worden zeer opgewekt gevierd. Prins Wilhelm van Pruisen wordt in genoemde hoofdstad zeer gefêteerd.