De Groote Schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen/Deel 2/Pieter de Hooge
Uiterlijk
| ← Ludolf de Jong | De Groote Schouburgh der Nederlantsche konstschilders en schilderessen, deel 2 (1719) door Arnold Houbraken | Hend. Goltzius → |
[ 34 ]Hem volgt PIETER de HOOGE, die uitmuntend is geweest in ’t schilderen van Kamergezichten, en daar in Gezelschapjes van Heeren en Juffrouwen. Hy heeft eenigen tyd by (den beruch- [ 35 ]ten) N. Berchem geleert, te gelyk met Jakob Ugtervelt, die zig alleen genoegde dat hy natuurlyk en uitvoerig kleine gezelschappen van Juffertjes en Heeren, of een Vroutje dat zit te naajen, of te speldewerken schilderen konde, zonder veel doorzichtkunde tot zyn agterwerken te gebruiken, ’t geen een maatkundig oordeel en naauwe opmerking vereischt.