Naar inhoud springen

De Sumatra Post/Jaargang 38/Nummer 300/Nobelfeest in Stockholm

Uit Wikisource
‘Nobelfeest in Stockholm’ door een anonieme schrijver
Afkomstig uit De Sumatra Post, donderdag 24 december 1936, derde blad, [p. 2]. Publiek domein.
[ derde blad, 2 ]

NOBELFEEST IN STOCKHOLM.

De uitreiking van den Nobelprijs aan prof. dr. P. Debije door den Zweedschen koning. Van Links naar rechts: prins Willem, hertog van Sudermanland, Z.M. koning Gustaaf V en prof. Debije.

Pracht en praal in de Koningszaal.

PROF. DEBIJE HOUDT TAFELREDE EN WIJST OP BETEEKENIS VAN ARRHENIUS.

Het jaarlijksche Nobelfeest is gisteren weer met de gebruikelijke pracht en praal gevierd, aldus verneemt d.d. 11 Dec. de Tel. uit Stockholm. De groote zaal van het concertgebouw gaf een betooverenden aanblik van elegance en luxe. Bloemenweelde, ordeschittering en geruisen van avondtoiletten luisterden voor de zes en dertigste maal de plechtige uitreiking der Nobelprijzen op. Hoe democratisch het Zweedsche volk ook moge zijn, de zin voor decorum en liefde voor traditie zullen den glans van het schouwspel niet doen verbleeken.

De Koning treedt binnen.

Op het podium tusschen seringen en rose begonia’s zitten de vijf bekroonden en achter hen enkele „oude jaars” zooals Zwedens grootste levende dichter Verner von Heidenstam en, voor het eerst na vele jaren, ook Selma Lagerlöf.
Klokslag vijf uur treedt de koning binnen. Bazuingeschal weerklinkt, de zaal verheft zich en zingt hem het schoone Koningslied toe. De grijze vorst, gevolgd door vijf rijzige prinsen, neemt vooraan op een gouden zetel plaats.
Na een ouverture van het concertgebouworkest houdt de eerwaardige voorzitter van de Nobelstichting, Hammarskjöld, een welkomstrede, waarna het aangrijpende „Sverige” van Stenhammar, gezongen door den jongen tenor Jussi Björling, staande wordt aangehoord.
Nu houden de vertegenwoordigers der verschillende faculteiten een lezing over de verdiensten, welke de Nobelprijswinnaars de wetenschap hebben bewezen en waarom hun de prijs werd toegekend. Dan wenden zij zich in het Duitsch of Engelsch tot den bekroonde en verzoeken hem den Nobelprijs persoonlijk uit de hand des konings in ontvangst te willen nemen.
Het is even stil in de zaal wanneer Zijne Majesteit zijn gelukwenschen uitspreekt, het diploma in leeren band benevens een gouden medaille overhandigt en den nieuwen onsterfelijken hartelijk de hand schudt.

De populairste winnaar.

Bij den Amerikaan Carl D. Anderson blijft de koning langer dan gewoonlijk stilstaan. Hij is van Zweedschen oorsprong en daarom de populairste winnaar van het jaar.
Na prof. Hess en dr. Anderson komt de negende Nederlandsche Nobelprijswinnaar professor P. Debije aan de beurt. De eigenlijke uitreiking duurt maar een oogenblik doch maakt niettemin diepen indruk op de aanwezige landgenooten. Onder het gebliksem der fotografen en een luid applaus begeeft hij zich weer naar zijn plaats en het orkest speelt Wagners Preislied.
De Nobelprijs bestaat uit een chèque, welke dit jaar Kr. 159.000 bedraagt, een prachtig uitgevoerd diploma en een zwaar gouden medaille ter waarde van Kr. 900. Aan de eene zijde draagt deze de beeltenis van den stichter en aan de andere een symbolische voorstelling van de betreffende wetenschap met de inscriptie: „Inventus vitam iuvat excoluise per artes” (Reges Acad. Scient. Suec).

Het banket.

De prachtige „Gouden zaal” in feestdos is een sprookjesachtig gezicht. Honderden kaarsen weerkaatsen haar zachten schijn in het beroemde goudbladmozaïek der hooge wanden. Bloemen en groen zijn kwistig over de lange tafels met de driehonderd gasten verspreid. Er wordt gedronken op den koning, op Alfred Nobel en op de Nobelprijswinnaars.
Een lange reeks tafelreden volgt afgewisseld door muziek. Als aardige attentie speelt het orkest volksliederen uit de landen der bekroonden. Ter eere van prof. Debije wordt een Nederlandsche potpourri van Sluijter en Hoogeboom ten gehoore gebracht.
De Amerikaansche gezant spreekt uit naam van Eugène O’Neill en leest een brief van dezen voor waarin hij verklaarde, dat Strindberg zijn geestelijke vader is daar hij hem voor den oorlog de oogen voor het moderne theater had geopend.

Rede van prof. Debije.

Professor Debije wierp in zijn speech een blik in het verleden en herinnerde er aan hoe de groote Zweedsche scheikundige Svante Arrhenius te zamen met Van ’t Hoff de physicalische chemie had gegrondvest. Hij was het, die de electriciteit in het molecule ontdekte.
„Hij wees mij den weg om de electriciteit daar in haar verborgen hoeken na te speuren. Waar de Zweedsche academie een Nederlander, die in Duitschland werkt, heeft bekroond, daarin zie ik wederom een teeken, dat niet alleen tusschen de schei- en natuurkunde doch ondanks alles ook tusschen de volken telkens weer bruggen worden geslagen.”
Prof. Debije was zeer onder den indruk van de grootsche ontvangst. Zaterdag houdt hij zijn verplichte lezing in de Technische Hoogeschool over: „Methoden zur Bestimmung der Elektrische und Geometrische Struktur der Molekulen” en hoopt ook gelegenheid te hebben eenige laboratoria, o.a. van The Svedberg te Upsala, te bezichtigen.
Daarna nog een bezoek aan Niels Bohr in Kopenhagen en dan keeren de heer en mevrouw Debije weer naar Dahlem terug.

Overige vindplaatsen

[bewerken]
  • Anoniem (24 december 1936) ‘Nobelfeest in Stockholm’, Deli Courant, vierde blad, p. 2.
  • Anoniem (26 december 1936) ‘Nobelfeest in Stockholm’, Soerabaiasch-Handelsblad, [p. 1].