Naar inhoud springen

Leeuwarder Courant/1899/Nummer 66/Immigratie uit Ned.-Indië

Uit Wikisource
‘Immigratie uit Ned.-Indië’ door een anonieme schrijver
Afkomstig uit de Leeuwarder Courant, zaterdag 18 maart 1899, [eerste blad], [p. 2]. Publiek domein.
[ eerste blad, 2 ]

Immigratie uit Ned.-Indië.

De gouverneur van Suriname heeft een nota ingezonden, naar aanleiding van het eindverslag der commissie van rapporteurs over de ontwerp-verordening, waarbij de gewijzigde verordening betreffende het immigratiefonds van toepassing wordt verklaard op het verschepingsseizoen 1899/1900.
De opmerking in het eindverslag gemaakt, dat de aanvoerkosten van Nederlandsch-Indische immigranten tot nu aan het immigratiefonds aanmerkelijk hooger te staan komen dan die van Britsch-Indische immigranten, acht de gouverneur juist. Zeer waarschijnlijk zal echter het totaal der aanvragen op den duur niet zonder invloed blijken te zijn op het gemiddelde bedrag, waarop per volwassene de aanvoerkosten komen te staan.
Dat de redenen, waarom de aanvoer uit Java zooveel hooger te staan komt dan die uit Britsch-Indië, in hoofdzaak zouden zijn toe te schrijven aan de hoogere aanwervingskosten op Java, is, meent de gouverneur, niet geheel en al juist. Het groote verschil in de aanvoerkosten is hoofdzakelijk gelegen in de passagekosten. Neemt men toch als eenheid voor evengenoemde kosten voor de Britsch-Indische immigranten een vracht aan van £ 10 st. per adult, dan komt, waar de vracht via Amsterdam ƒ 175 bedraagt, reeds alleen uit dien hoofde de Nederlandsch-Indische immigrant op ± ƒ 55 meer te staan dan de Britsch-Indische.
Met de betrokken stoomvaartmaatschappijen, die het vervoer via Amsterdam effectueeren, is door het immigratie-departement in correspondentie getreden omtrent de mogelijkheid van eene verlaging van het vrachtcijfer. Ook bij de factory der Nederlandsche Handelmaatschappij te Batavia, onzen emigratieagent op Java, die, zooals bekend, geheel belangloos zich met die functie heeft willen belasten, is hetgeen gedaan zou kunnen worden om de aanvoerkosten tot een minimum te reduceeren, aan de orde gesteld, terwijl bovendien in andere opzichten naar dit doel gestreefd wordt.
De gouverneur hoopt, dat het resultaat van een en ander er toe zal kunnen leiden, dat het bedrag waarop, ingevolge art. 7 der immigratiefondsverordening, de kosten van aanvoer jaarlijks moeten worden vastgesteld en waarop voor de immigratie uit Nederlansch-Indië die kosten tot nu toe worden bepaald, voor een volgend verschepingsseizoen niet zal behoeven te worden verhoogd.