Merian - Metamorphosis (1705)/I

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Titelpagina, voorwoord, inhoud Merian - Metamorphosis (1705) (1705) van Maria Sibylla Merian

I

II. Ananas


[14]

 

VERANDERING DER SURINAAMSCHE INSECTEN. 1

DE I. AFBEELDING.


DE Ananas zynde de voornaamste aller eetbaare vruchten, is ook billyk de eerste van dit werk en van myne ondervinge; in 't eerste blad word sy bloeiende vertoond, gelyk in het volgende een rype zal te zien zyn. De kleine gecoleurde bladeren dicht onder de vrucht zyn als een rood satyn met geele vlakken vercierd, de kleine uitspruitzels aan de kanten groeijen voort, als de rype vrucht afgeplukt is, de lange blaaden zyn van buiten ligt zee groen, van binnen gras groen, aan de kanten wat roodachtig met scharpe doornen voorzien. In 't overige is de cierlykheid en fraeiheid dezer vrucht van verscheidene geleerden, als van de Heeren Piso en Markgrave in haar Historien van Brasiel, Reede in zyn elfde Deel van de Hortus Malebaricus, en Commelin in het eerste gedeelte van den Amsterdamsche Hof, als ook van anderen wytloopig beschreeven, zal my dierhalven daar mede niet ophouden, maar tot myn ondervindingen der Insecten voortgaan.

Kakkerlakken zyn de bekendste aller Insecten in America, wegens de groote schade en ongemakken, die sy allen Inwoonderen aandoen, bedervende alle haaren wollen, linnen, spys en drank, zoetigheid is haar ordinaar voedzel, daarom sy deze vrucht zeer genegen zyn, sy leggen haar zaad dicht by malkander, met een rond gespinst omgeeven, als zommige spinnen hier te lande doen, als de eyers ryp zyn, en de jonge volmaakt, byten sy zich door haar eyernest en loopen de jonge Kakkerlakjes met groote rassigheit daaruit, en zynde zo klein, als mieren, zo weeten sy in kisten en kasten te komen door de voegzels en sleutelgaatjes, daar sy dan alles bederven, sy worden dan eindelyk zoo groot, gelyk een op het voorste blad te zien is, van coleur bruin en wit. Als sy nu haare volkoomene grootheid hebben, dan barst haare huit op den rug op, en komt een gevleugelde Kakkerlak daaruit, week en wit, de huit blyft in haare forme leggen, als of het een Kakkerlak was, maar leedig van binnen.

Op de andere zyde van deze vrucht is een andere soort van Kakkerlakken, deze draagen haar zaad onder haar lyf in een bruin zakjen, als men die aanraakt, laaten se het sakje vallen, om beter te konnen ontvluchten, uit dit zakje komen de jongetjes, en veranderen als de voorgaande groote, zonder onderscheit.

 

De besondere bemamingen, waar meede dit gewas van verscheide Autheuren werd genaamt, zyn by den andere te vinden, in myn flora Malabarica, over de twaalf deelen van 't Malabarsche kruid gemaakt.

 

[13]

Maria Sibylla Merian-Metamorphosis-Uni bib Utrecht MAG AB 352 Rariora 01.jpg