Nieuwe Rotterdamsche Courant/Jaargang 78/Nummer 248/Avondblad/Ierland
| ‘Ierland’ door een anonieme schrijver |
| Afkomstig uit de Nieuwe Rotterdamsche Courant, woensdag 7 september 1921, Avondblad, D, p. 3. Publiek domein. |
Ierland.
LONDEN, 7 September. De bladen zijn zeer terughoudend in hun commentaren op de jongste verklaring van de Valera, met name op het groote stuk ervan, dat bestaat uit aanvallende frazen en goedkoope grappen, en vestigen meest de aandacht op het slot: „Ierland en Brittannië zijn buren”. De wrakhoop moet opgeruimd worden om te komen bij de fundeering voor een werkelijke en natuurlijke unie tusschen Ierland en Britannië. Wij worstelen om bij die fundeering te komen.”
Er is echter een treffende tegenstelling tusschen deze passages en de rest van het interview.
Terwijl de Manchester Guardian, die den kleinzieligen en wrokkenden geest heeft betreurd, waarin de Ieren geantwoord hebben op het treffende initiatief van de Engelsche regeering, die laatste uitlating als een vredesteeken beschouwt, laat de Times uitkomen, dat de concessies totdusver alleen van een kant zijn gekomen en dat Sinn Fein niets heeft gedaan om de stemming in Ulster gerust te stellen of te bevredigen.
De Daily Telegraph vindt het zeer merkwaardig, dat uit particuliere mededeelingen uit Dublin, waarvan enkele den eerste-minister bereikt hebben, zonder dubbelzinnigheid op te maken is, dat het Sinn-Fein-kabinet niet bedoelt wat de Valera schrijft. Er is geen gedachte aan het afbreken van de onderhandelingen en wanneer de Valera spreekt van een onherroepelijke verwerping van de voorwaarden van de regeering wil hij daarmee heel iets anders zeggen dan men gewoonlijk daaronder verstaat. Het ziet er, meent het blad, stellig naar uit alsof Sinn Fein manoeuvreert om het odium voor het afbreken van de onderhandelingen op de regeering te laden. Vele menschen gelooven, dat de Valera, die ondanks den stroeven en stuurschen toon van zijn nota’s nog altijd dezelfde gematigde meeningen toegedaan zou zijn, welke hij in Downing-Street geuit heeft, heelemaal niet rouwig zou zijn als de Britsche ministers hem een ultimatum stelden. Dit zou, zoo beweert men, zijn handen versterken tegenover de extremisten en hem den officieuzen, maar aanaanmerkelijken steun van de gematigden in Ierland verschaffen.
LONDEN, 7 September. (R.-Part.) De parlementaire commissie uit het vakvereenigings-congres en het bestuur van de arbeiderspartij hebben samen aan den premier geseind en de meening uitgesproken, dat het een ramp zou zijn, indien er aan de bestaande diepe spontane stemming voor den Ierschen vrede een einde kwam, en terwijl de Iersche en de Engelsche vertegenwoordigers tegenstrijdige nota’s wisselen. Het telegram dringt krachtig aan op toepassing van het gunstigste alternatief door zonder uitstel de Iersche leiders tot een conferentie uit te noodigen en protesteert tegen het denkbeeld van de hervatting der vijandelijkheden op vergroote schaal.