Pagina:Album der Natuur 1852 en 1853.djvu/705

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen

— 285 —

biologie worden te weeggebragt, is, gelijk ik vroeger breeder uiteengezet heb[1], een toestand, waarin de mensch geraakt ten gevolge van de volstrekte bepaling van zijne aandacht op één enkel denkbeeld of ééne enkele zaak, waardoor eene aan dat denkbeeld of die zaak zich aanknoopende gedachtenreeks zijn denkvermogen in beslag neemt en in meerdere of mindere mate als overweldigt. Denken, zintuigelijke gewaarwording en willekeurige beweging nu zijn door het gemeenschappelijk hersen-orgaan ten naauwste met elkander verbonden; daarvan getuigen vele verschijnselen in den gezonden en ziekelijken toestand, die aantoonen, dat eene verandering in het eene vermogen gemakkelijk eene wijziging in het andere veroorzaken kan.—Op dezen grond kan men, onder meer, die proeven verklaren, waarbij men iemand tot onwillekeurige en soms onbewuste bewegingen dwingt. Tot toelichting voerde ik eene vrij algemeen bekende aardigheid aan. Men maakt een klein voorwerp, b.v. een klein horologiesleuteltje of een' ring, vast aan een eenige duimen langen draad, en laat iemand het andere einde van den draad met twee vingers aanvatten; men laat hem die vingers zoo stil houden als mogelijk is, maar verzekert hem tevens, dat desniettegenstaande na eenige oogenblikken het sleuteltje aan den draad in het rond zal gaan slingeren, b.v. regtsom. Na eenigen tijd ziet men ook het sleuteltje in beweging komen en in de aangewezene rigting al grootere en grootere kringen beschrijven. Verzekert men verder, dat het sleuteltje nu spoedig linksom zal gaan draaijen, dan worden de regtsche slingeringen eerst al kleiner en kleiner, houden even op, en gaan dan in de tegenovergestelde rigting over. De oorzaak is hierin gelegen, dat de proefnemer geheel vervuld is met de verwachting der voorspelde beweging, en daardoor het behoorlijk bestuur over zijne spieren verliest, zoodat door het hem op dit oogenblik overheerschende denkbeeld die spieren der vingers, welke ter voortbrenging dier beweging dienen, tot zamentrekking worden gebragt.

Passen wij dit toe op den tafeldans. Onder de personen, die daarbij medewerken, zijn veelal eenigen, die de geschiktheid bezitten om spoe-

  1. In een opstel, getiteld "Mesmerisme," geplaatst in het eerste deel van dit werk.