Naar inhoud springen

Pagina:Apologie van Pr Willem I van 1580.pdf/142

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

[ 140 ]

lach, ende trecken 't geweldichlick uit de Universiteyt van Loven,[1] tegen the privi legien der selver Universiteyt:[2] ja dat meer, is, opt vertooch te dier causen by die van der Universiteyt aen hen ghedaen, dien

  1. ↑ Wanneer PHILIPS WILLEM van Nassau, Graaf van Buren en in Leerdam, Heer van Ysselstein, Lannoy, Cranendonck, enz. door zynen eersten leermeester, EVERHARDUS HARIUS, (een man in de geleerde wereld onbekend, doch by Hadr. JUNIUS, in zynen brief voor den Nomenclator, als een Jongeling van byzondere geleerdheid opgegeven) in zo verre voor de nuttige wetenschappen was toebereid, dar hy tot ruimere beoeffeningen daar van de Leuvensche leeraars horen konde, werdt hy van zynen Vader derwaards gezonden; maar, in 't begin van 't jaar 1568, op bevel van ALVA uit die Hooge Schoole geligt, en te schepe naar Spanje vervoerd. De Prins beklaagt zich deswegens drie en meermalen in deze Verantwoording: hy deedt dat ook by zyn antwoord op de Indaging van den Procureur Generaal Du Bois op d. 3 Maert 1568, em by eenen gelyktydigen brief aan ALVA, uit Dillenburg gcSchreven: by zyne Verantwoording op de beschuldigingen van voornoemden JOHAN DU BOIS: in 't jaar 1570 by zyn deftig wederzeggen over 't al of niet aannemen van den vrede: en by noch meerdere stukken: allen in de verzameling van BOR te vinden; en voornamelyk van die genen na te slaan, welke hier omtrent, door onbewezene gissingen, in een erg vermoeden gebragt werden.— De levensloop van dezen PHILIPS WILLEM is zeer bekend, en uit echte bewysdommen na të gaan. Een geschrift van 't jaar 1747, wilde daaromtrent onwaarheden vermelden; maar ook daarom, als mede om meenigvuldige andere onwaarheden, werdt het door den Heer VAN IDSINGA voor een prulschrift uitgemaakt. Zie zyn Staatsr. der Vereen. Nederl. I, bl. 133.
  2. ↑ Dat dit op 't getuigenis van Doctor ELB. LEONINUS alhier gezet staat, kan men opmaken uit de Memorie van 't gene