Naar inhoud springen

Pagina:Apologie van Pr Willem I van 1580.pdf/174

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

[ 172 ]

niet alleene sy wel weten, hoe dat wy van soodanich ghewelt eenen natuerelicken aftreck bebben maer oock dat ulieden, jae der gantsche werelt, kennelick ende notoyr is, dat wy bevolen ende verordonneert hebben sommighe te doen executeren ende aen den leven straffen, die sodanighen excessen, als men ons wil optijgen, bedreven hadden: ende andere van de voorneemste ja van seer

    onderdanen van Driel, welke den Capellaen, die aen 't altaer quam om de misse aen te heffen; met grooter vitiencie ten kercken utgejaecht, ende met swynstaven, kaetsbalger ende anders geweer geslagen hadden. Zo werdt ook in 1572, om dergelyke moedwilligheden, in de Abtdye van Marienweert begaan, ANANIAS VAN CREUNIGEN te Arnhem op de markt met het zwaard gestraft, en zyn hoofd op eenen Staak gezet, met een houten galg daar boven. Meerdere voorbeelden kan het Catholyk Martelaars-boek van PETRUS OPMEER aanbieden. Maar, om van die ongeregeltheden Vader WILLEM de schuld te geven, gelyk het ALVA in dezen ongedrukten brief, en PHILIPS in zynen Ban behaagde, daar voor zal het aan bewyzen mangelen. De Prins, die, volgens BENTIVOGLIO, cauto, fagace — popolare net costumi e nelle maniere was, zou zich gantsch onvoorzichtig gedragen hebben, indien hy eenige geneigdheid voor zulke wederwraak hadt goedgekeurd; veel erger, indien die van hem was aangevuurd geworden. Hy moest door zachtheid die genen winnen, welke de Spaansche wreedheid niet behouden konde. En daarom is het niet moeilyk, hier omtrent geheel tegenstrydige voorbeelden aan te brengen. Men zie 's Princen Commissie voor WILLEM, Grave VAN DER MARCK, als Oversten in Holland, en zynen Eed by BOR, I. VI. 284, 285; 's Princen Placaet van 1574, waar by Hy alle insolentien, overdaed, roveryen, en plonderingen van Kerken, Kloosteren, Ka-