Naar inhoud springen

Pagina:Belgisch Staatsblad, Gecoordineerde Grondwet van 17 februari 1994.pdf/4

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

4056

Art. 6.

De onderverdelingen van de provincies kunnen alleen door de wet worden vastgesteld.


Art. 7.

De grenzen van de Staat, van de provincies en van de gemeenten kunnen niet worden gewijzigd of gecorrigeerd dan krachtens een wet.

 

TITEL II
DE BELGEN EN HUN RECHTEN

Art. 8.

De staat van Belg wordt verkregen, behouden en verloren volgens de regelen bij de burgerlijke wet gesteld.

De Grondwet en de overige wetten op de politieke rechten bepalen welke de vereisten zijn waaraan men moet voldoen, benevens de staat van Belg, om die rechten te kunnen uitoefenen.

Art. 9.

Naturalisatie wordt verleend door de federale wetgevende macht.

Art. 10.

Er is in de Staat geen onderscheid van standen.

De Belgen zijn gelijk voor de wet; zij alleen zijn tot de burgerlijke en militaire bedieningen benoembaar, behoudens de uitzonderingen die voor bijzondere gevallen door een wet kunnen worden gesteld.

Art. 11.

Het genot van de rechten en vrijheden aan de Belgen toegekend moet zonder discriminatie verzekerd worden. Te dien einde waarborgen de wet en het decreet inzonderheid de rechten en vrijheden van de ideologische en filosofische minderheden.