4101
Geen rechter kan uit zijn ambt worden ontzet of worden geschorst dan door een vonnis.
De overplaatsing van een rechter kan niet geschieden dan door een nieuwe benoeming en met zijn toestemming.
Art. 153.
De Koning benoemt en ontslaat de ambtenaren van het openbaar ministerie bij de hoven en rechtbanken.
Art. 154.
De wedden van de leden der rechterlijke orde worden door de wet vastgesteld.
Art. 155.
Geen rechter mag van een regering bezoldigde ambten aanvaarden, tenzij hij die onbezoldigd uitoefent en behoudens de gevallen van onverenigbaarheid bij de wet bepaald.
Art. 156.
Er zijn in België vijf hoven van beroep:
1° dat van Brussel, waarvan het rechtsgebied de provincies Vlaams-Brabant en Waals-Brabant en het tweetalige gebied Brussel-Hoofdstad omvat;
2° dat van Gent, waarvan het rechtsgebied de provincies Oost-Vlaanderen en West-Vlaanderen omvat;
3° dat van Antwerpen, waarvan het rechtsgebied de provincies Antwerpen en Limburg omvat;
4° dat van Luik, waarvan het rechtsgebied de provincies Luik, Namen en Luxemburg omvat;
5° dat van Bergen, waarvan het rechtsgebied de provincie Henegouwen omvat.