Naar inhoud springen

Pagina:Beschrijving der schilderijen op 's Rijks Museum te Amsterdam (1858).pdf/124

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

106

FRANCESCO MAZZUOLI (parmigianino).

Geboren te Parma 1504—1540 te Parma overleden.

Leerling van zijnen oom mazzuoli[1].

N°. 234.
Maria met het kind Jezus.

H. 71. B. 60. P. Hoofd m. 14.

      De Maagd Maria kust het kind Jezus, en houdt Hem met de linkerhand aan haren hals gedrukt, zij is gekleed in een blaauw kleed, waarover zij eenen hoog rooden mantel met gouden rand draagt, in het blonde haar heeft zij paarlen en edele steenen, in de regterhand een paar kersen. Jezus op een paars fluweelen kussen zittende, houdt haren hals met zijne beide armpjes omvat, en kust haar op den mond. Beide figuren zijn op eene soort van agathen troon geplaatst, die achter hen rijk verguld is, voor op eene marmeren plint ligt een tros witte druiven en een appel. De achtergrond vertoont een kasteel aan eene rivier en een heuvelachtig verschiet.



JOHANNES PETERS.

Geboren te Antwerpen 1624—1677 overleden te Antwerpen.

N°. 235.
Het verbranden der Engelsche Vloot in de haven van Chattam, 1667.

H. 71. B. 106. P. Fh. 5.

      Op den voorgrond is de bemanning van twee booten in hevig gevecht. Op den tweeden grond wordt het admiraalschip, de Royal Charles, genomen, men ontwaart daar vele in brand staande schepen, waartusschen booten met gewapende matrozen rondvaren. In het verschiet zijn vele schepen in rook en damp gehuld.



EGBERT VAN DER POEL.

Geboren te Rotterdam.

N°. 236.
Een Boeren binnenhuis.

H. 47. B. 63. P. Fh. 12.

      Gevogelte, groente en velerlei huisraad ligt op den voor-

  1. Zie Lanzi, Storia Pittorica della Italia, Milano 1823. Dl. IV, p. 105.