Naar inhoud springen

Pagina:Beschrijving der schilderijen op 's Rijks Museum te Amsterdam (1858).pdf/145

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen
127

JACOB SANDRART.

1606—1683.

N°. 281.
Portret van Pieter Cornelisz Hooft, Drossaart van Muiden.

H. 26. B. 21½. P. Hoofd. h. 6.

      Ten halverlijve, in staande houding. In het zwart gekleed met eenen mantel, en eenen platten geschulpten kraag om, eenen gelen handschoen met kanten handlubben aan de linkerhand, rust de andere op eene tafel, waarop eenige boeken en eene aardglobe geplaatst zijn.

      Gekocht voor ƒ 14.



GODFRIED SCHALCKEN.

Geboren te Dordrecht 1643—1706 te ’s Gravenhage overleden.

Leerling van samuel van hoogstraten en gerard dou.

N°. 282.
Portret van Willem III, Koning van Engeland.

H. 74. B. 62. D. Fh. levensgroot.

      In stalen harnas, eenen blaauwen met hermelijn gevoerden mantel over de schouders en kanten kraag om den hals, en door eene groote kaars op eenen kandelaar verlicht. In het verschiet ziet men eene brandende burgt.

      Gegraveerd door J. W. Kaiser, uitgegeven door Frans Buffa en Zonen.



N°. 283.
De Tabaksrooker.

H. 45. B. 37. D. Hoofd. h. 8.

      Een jongman in eenen bruinen kamerrok, en zwart fluweelen muts op het hoofd, zit bij eene tafel met eene steenen pijp in de hand; een ander, in het groen, met roode voering, staat achter de tafel, met eene tinnen bierkan in de eene, en eene brandende kaars, die hij op eenen, op de tafel staanden blaker schijnt te willen zetten, in de andere hand. Deze kaars verlicht de beide figuren.

      Verkooping Caudri, 1809, Amsterdam.
      Kabinet van heteren.