Naar inhoud springen

Pagina:Beschryving van Oud-Groenland.djvu/21

Uit Wikisource
Deze pagina is gevalideerd

van den SCHRYVER.

werk t’ondernemen, voornaaamlyk ten opzichte van die ongelukkige volkeren, die door een rechtvaerdig oordeel van God nu ruim drie honderd jaren van alle gemeenſchap met de Chriſtenen uitgeſloten zyn geweeſt; onze burgerlyke plicht niet alleen, maar onze chriſtelyke eisſchen zulks van ons, en derhalven betaamt het ons, den Almogenden God hertelyk te bidden, dat het hem behage, zyne gramſchap te ſtillen, die tegen die elendigen ontſtoken ſchynt te zyn, en onzen allergenadigſten Souverein en allen anderen welgezinden Chriſtenen den beſten weg en de middelen aan te wyzen, ter ontdekkinge en gelukkige herſtellinge van dat land. En ofſchoon wy te kort mo-

gen