wordt hem het opperbevel opgedragen. Met deze macht bekleed, vordert hij van al deze staten gijzelaars, beveelt hun, hem spoedig een bepaald aantal soldaten te leveren, stelt vast, hoeveel gewapenden en vóór welken tijd iedere staat die in zijn eigen gebied gereed zou hebben; vooral stelt hij prijs op ruiterij. Aan de grootste werkzaamheid paart hij de uiterste gestrengheid in het voeren van het commando; door zware straffen brengt hij hen, die aarzelen, tot een besluit. Zware misdadigers laat hij den dood door vuur en alle denkbare martelingen ondergaan; die zich aan een lichter vergrijp hebben schuldig gemaakt, zendt hij met afgesneden ooren of uitgestoken oogen naar huis, om den overigen tot waarschuwing te strekken en anderen door zulk een ontzettende straf schrik aan te jagen.
5. Door dergelijke strafoefeningen bracht hij spoedig een leger bijeen en zond dan den Cadurker Lucterius, een buitengemeen stoutmoedig man, met een deel zijner strijdkrachten in het gebied der Rutenen; hijzelf brak op tegen de Biturigers. Bij zijn aanmarsch zonden de Biturigers gezanten naar de Haeduërs, hun beschermheeren, om bijstand, ten einde des te gemakkelijker aan de vijandelijke legermacht weerstand te kunnen bieden. De Haeduërs zonden ор raad der legaten, die Caesar bij het leger had achtergelaten, aan de Biturigers ruiterij en voetvolk te hulp. Maar deze troepen maakten, aan de Liger (Loire) gekomen, die de grensscheiding vormt tusschen de Biturigers en de Haeduërs, eenige dagen halt en keerden naar huis terug, zonder den overgang over de rivier te wagen. Aan onze legaten meldden zij, dat zij uit vrees voor de trouweloosheid der Biturigers waren teruggekeerd, wier plan was geweest, zooals zij hadden vernomen, hen, indien zij de rivier waren overgestoken, aan de eene zijde met hun eigen troepen, aan de andere zijde door de Arverners te laten omsingelen. Of nu dit,