Naar inhoud springen

Pagina:Caesar, Gallische oorlog (vert. Doesburg, 1894).pdf/299

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

55. Daar gekomen , vernam hij , dat op aanstoken van den consul Gajus Marcellus, de twee door hem teruggezonden legioenen, die volgens senaatsbesluit ten oorlog tegen de Parthen moesten trekken, aan Pompejus overgegeven en in Italië teruggehouden waren. Ofschoon hierdoor niemand meer in twijfel kon verkeeren , wat men tegen Caesar in het schild voerde, zoo was hij toch vast besloten, alles te verdragen, zoolang hem nog eenige hoop overbleef, om eerder langs den weg van rechten, dan door het zwaard de zaak tot beslissing te brengen.[1]



  1. De Latijnsche tekst geeft nog één woord van een nieuwen zin. Het slot ontbreekt dus.