bij haar strooptochten af te weren, hadden zij jonge boomen gekapt en neergebogen, zóó dat die aan de zijden nog talrijke takken lieten ontspruiten, en daartusschen plantten zij braam- en doornstruiken. Op die wijze vormden deze heiningen bolwerken, afsof 't wallen waren, door welke men niet alleen niet binnendringen, maar zelfs met den blik niet doordringen kon. Daar nu hierdoor ons leger op zijn marsch werd opgehouden, meenden de Nerviërs bovengenoemd plan niet ongebruikt te moeten laten.
18. De natuurlijke gesteldheid van het oord, dat de onzen voor hun legerplaats hadden uitgezocht, was aldus. Een heuvel helde, gelijkmatig van boven afloopend, naar de boven vermelde rivier de Sabis. Tegenover dezen heuvel en aan de andere zijde der rivier gelegen verhief zich een andere met gelijke glooiing; aan den voet was hij over ongeveer tweehonderd schreden kaal, boven met bosch begroeid, zoodat men er niet gemakkelijk kon doorzien. Binnen deze wouden hielden de vijanden zich verborgen; op het open terrein langs de rivier werden slechts enkele ruiterposten gezien. De rivier was ongeveer drie voet diep.
19. Caesar liet zijn ruiterij vooraangaan en volgde met zijn gansche leger; maar zijn marschorde was een andere, dan de Belgen aan de Nerviërs hadden overgebracht. Want omdat hij den vijand naderde, liet hij, volgens zijn gewoonte, zes legioenen zonder bagage en tros vooraan marcheeren. Op deze volgde de trein van het geheele leger, dan sloten de twee kort geleden gelichte legioenen den ganschen troep, te gelijk tot dekking van den tros. Onze ruiters gingen met de slingeraars en boogschutters over de rivier en begonnen met de vijandelijke ruiterij een gevecht. Deze trok zich herhaaldelijk in de bosschen tot de haren terug, deed dan weder daaruit een aanval ор de onzen, die het niet waagden de vluchtenden verder na te zetten, dan