niet onderteekend hebben, indien Partijen zijn overeengekomen zich tot deze rechtsmacht te wenden.
Artikel 27.
De onderteekend hebbende Mogendheden beschouwen het als een plicht om, in geval een ernstig geschil tusschen twee of meer van haar zou dreigen uit te breken, deze er aan te herinneren, dat het Permanente Hof voor haar openstaat.
Dientengevolge verklaren zij dat niet anders dan als handelingen, vallende onder het begrip van Goede Diensten, kunnen worden beschouwd zoowel de herinnering der bepalingen van dit verdrag aan de Partijen in geschil, als de haar gegeven raad, verstrekt in het hooger belang van den vrede om zich te wenden tot het Permanente Hof.
Artikel 28.
Een Permanente Raad van Beheer, samengesteld uit de te 's-Gravenhage geaccrediteerde diplomatieke vertegenwoordigers der onderteekend hebbende Mogendheden en den Nederlandsche Minister van Buitenlandsche Zaken, die het Voorzitterschap zal bekleeden, zal in die stad, zoo spoedig mogelijk na de bekrachtiging van dit verdrag door ten minste negen Mogendheden, worden samengesteld.
Deze Raad zal belast zijn met het instellen en inrichten van het Internationale Bureau, hetwelk onder zijn bestuur en toezicht zal blijven.
Hij zal aan de Mogendheden kennis geven van de samenstelling van het Hof en in de installatie daarvan voorzien.
Hij zal diens reglement van orde alsmede alle andere noodige reglementen vaststellen.
Hij zal alle administratieve kwestiën beslissen, die zouden kunnen ontstaan aangaande de werking van het Hof.
Hij zal de uitsluitende beslissing hebben omtrent de benoeming, de schorsing of het ontslag der ambtenaren of beambten van het Bureau.
Hij zal de traktementen en bezoldigingen vaststellen en op de algemeene uitgaven toezicht houden.
De tegenwoordigheid van vijf leden in regelmatig opgeroepen vergaderingen is voldoende voor den Raad om geldige besluiten te kunnen nemen.
De beslissingen worden met meerderheid van stemmen genomen.
De Raad deelt de door hem vastgestelde reglementen onverwijld mede aan de onderteekend hebbende Mogendheden. Hij doet haar ieder jaar een verslag toekomen over de werkzaamheden van het Hof, over den gang van den administratieven dienst en over de uitgaven.