VERTALING.
VERDRAG
nopens de wetten en gebruiken van den oorlog te land.
Zijne Majesteit de Duitsche Keizer, Koning van Pruisen;........(Zie de namen der overige Staatshoofden in den tekst van het verdrag.)
Overwegende dat, hoezeer ook naar de middelen gezocht wordt om den vrede te waarborgen en strijd met de wapenen tusschen de volken te voorkomen, toch ook het geval behoort te worden voorzien, dat gebeurtenissen, die hunne zorg niet mocht hebben kunnen afwenden, het beroep op de wapenen zouden te weeg brengen;
Bezield met het verlangen, ook in dit uiterste geval, de belangen der menschheid en de steeds voortschrijdende eischen der beschaving te dienen;
Oordeelende, dat het te dien einde noodig is de algemeene wetten en gebruiken van den oorlog te herzien, hetzij met het doel deze nauwkeuriger te omschrijven, hetzij om daarin zekere grenzen te stellen, bestemd om de hardheid er van zooveel mogelijk te beperken;
Hebben het noodig geoordeeld op zekere punten aan te vullen en nader te bepalen het werk van de Eerste Vredesconferentie, die, ten gevolge der Conferentie van Brussel van 1874, bezield door deze, door eene wijze en edelmoedige voorzorg aanbevolen overwegingen, voorschriften heeft aangenomen die ten doel hebben de gebruiken van den oorlog te land te omschrijven en te regelen.
Volgens de opvatting der Hooge Verdragsluitende Partijen zijn deze voorschriften, bij welker vaststelling de wensch heeft voorgezeten de rampen van den oorlog te verminderen, voor zoover de militaire noodzakelijkheid zulks toelaat, bestemd om tot algemeenen gedragsregel te strekken voor de oorlog-