Die requisities moeten in overeenstemming zijn met de draagkracht der plaats. Zij worden slechts gevorderd met machtiging van den bevelhebber der genoemde scheepsmacht en zij moeten, zooveel mogelijk, contant betaald worden; kan dat niet geschieden, dan worden zij door ontvangbewijzen gestaafd.
Artikel 4.
Verboden is het bombardement van niet verdedigde havens, steden, dorpen, woningen of gebouwen, wegens niet betaling van heffingen in geld.
HOOFDSTUK II.
Algemeene bepalingen.
Artikel 5.
Bij het bombardement door eene scheepsmacht moeten door den bevelhebber alle noodige maatregelen genomen worden om de gebouwen gewijd aan de eerediensten, aan de kunsten, de wetenschappen en aan de weldadigheid, de geschiedkundige gedenkteekenen, de hospitalen en de plaatsen, waar zieken of gewonden bijeengebracht zijn, zooveel mogelijk te sparen, op voorwaarde, dat zij niet gelijktijdig voor een militair doeleinde worden gebruikt.
Het is de plicht der inwoners om die gedenkteekenen, die gebouwen of plaatsen van verzameling aan te duiden door zichtbare teekenen, welke moeten bestaan in groote stijve rechthoekige vlakken, door eene der diagonalen in twee driehoeken verdeeld, waarvan de bovenste zwart, de onderste wit gekleurd is.
Artikel 6.
Behalve wanneer de militaire eischen het niet veroorloven moet de bevelhebber der aanvallende scheepsmacht, alvorens tot bombardement over te gaan, alles doen wat in zijn vermogen is om de overheden te waarschuwen.
Artikel 7.
Het is verboden zelfs een stormenderhand genomen stad of plaats aan plundering over te leveren.