Naar inhoud springen

Pagina:Conventies van Den Haag 1907 (Staatsblad 1910 no 73).pdf/356

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

VERTALING.

VERKLARING
nopens het verbod om projectielen en ontplofbare stoffen uit ballons te werpen.



De ondergeteekenden, Gevolmachtigden der tot de Tweede Internationale Vredesconferentie te 's Gravenhage uitgenoodigde Mogendheden, te dien einde door hunne Regeeringen behoorlijk gemachtigd,

Geleid door de gevoelens, welke hunne uiting hebben gevonden in de Verklaring van St. Petersburg van 29 November/11 December 1868, en wenschende de verklaring van 's Gravenhage van 29 Juli 1899, welke is komen te vervallen, te hernieuwen,

Verklaren:

De verdragsluitende Mogendheden stemmen voor een tijdperk, loopende tot het einde der Derde Vredesconferentie, toe in het verbod om, uit ballons of op andere dergelijke nieuwe wijzen, projectielen en ontplofbare stoffen te werpen.

Deze verklaring is slechts verbindend voor de verdragsluitende Mogendheden in geval van oorlog tusschen twee of meer harer.

Zij houdt op verbindend te zijn met het oogenblik, dat in eenen oorlog tusschen verdragsluitende Mogendheden, eene niet verdragsluitende Mogendheid zich mocht aansluiten bij eene der oorlogvoerenden.

Deze Verklaring zal binnen den kortst mogelijken termijn worden bekrachtigd.

De akten van bekrachtiging zullen te 's Gravenhage worden nedergelegd.

Van de nederlegging van iedere akte van bekrachtiging zal