Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen (1753) vol 3.pdf/109

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

thematicus en Fonteinmaker van Luik, die naderhand in dienst van den Koning van Polen gestorven is. Deze had een dochter daar zyn oog op viel, met welke hy trouwde op den 25 van Slachtmaand 1659, waar door zyn voorgenomen reis naar Rome gestuit werd, en hy zig daar neer zette, met voornemen van aldaar te blyven wonen; maar ziende dat die, welke van den Gereformeerden Godsdienst waren, van tyd tot tyd, meer gedrukt wierden, en bedugt voor een algemeene vervolging, gelyk naderhand gebeurde, nam voor deze gemoedsdwingelandy (nu hy nog maar een zoon had, en eer hy meer kinderen aanwon) t'ontvlugten. Waarom hy toen naar Holland trok, en zig in den Haag neerzette, daar hy verscheidene uitstekende Konststukjes maakte: maar ziende dat zyn disch meer en meer in broodeetende olyfspruiten aangroeide, en het pourtretschilderen het gereedste middel was, om aan geldte geraken, als ook meerder voordeel aanbragt, ley hy daar op toe, en zyn toeleg gelukte: want hy in zyn tyd niet alleen een menigte pourtretten, maar ook de voornaamste luiden in den Haag en elders, daar by meest alle de Potentaten, die in den Haag, kwamen, schilderde, 't welk hem de beurs deed zwellen, en zyn roem aanwassen, zoo dat Karel de tweede. Koning van Engeland, die op zyn Konst belust was, door den Ambassadeur Temple hem verscheide malen liet verzoeken aan zyn hof te komen, 't welk hy beleeft weigerde; zoo, om dat hy rust beminnende, geen zin in de hoven had, als om dat hy schrikte tegen de ongemakken van de zee, want hy al van zyn twintig jaren af geplaagt was geweest met Graveel, en in zyn laatste jaren daar en boven nog deerlyk met het