Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen (1753) vol 3.pdf/182

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

daar hy reeds zoo veer in de Konst gevordert was dat men zig daar over mag verwonderen. Ik heb in 't Konstkabinet van den Heere Jakob Hiskia Machado, in 's Gravenhage, een kleen stukje van hem gezien, verbeeldende een Soldaatje, zoo natuurlyk, konstig en uitvoerig geschildert, dat het onder de Konst der braafste Nederlantsche meesters van dien tyd hangen mag.


JAKOB TORENVLIET is geboren te Leyden in 't jaar 1641. Zyn Vader had veel op met zyn Zoon, en was gewoon hem in zyn Jeugt tot yver aan te moedigen, door schoone beloften. Dit geloofde hy, en 't strekte hem ten spoor, dog hy verzuimde niet (de begeerte is het leeven van de ziel) 't elkens meer beloften aan te winnen, zeggende dikwyl, Vader als ik nu een Meester zal geworden wezen, zal ik dan een mooy kleed hebben, zal ik dan een deegen draagen? zal ik dan een pluim op myn hoed hebben? enz. Waar op zyn Vader hem doorgaans met een slepende stem, gewoon was te antwoorden (want beloften zyn haast getelt) Ja zoon. Dit werd onder de genen die aan des zelfs huys verkeerden ten spreekwoord, zoo dat, wanneer hun iemant iets kwam te vergen, zy dan antwoorden. Ja zoon.

Wanneer hy nu zoo veer in de konst gevordert was dat hy braaf teekenen en een goet pourtret schilderen konde, vertrok hy van Leyden naar Rome, om zig voorts in de Konst te oeffenen; mede hebbende tot Reisgezel en Konstgenoot NIKOLAAS ROSENDAAL, geboren te Enkhuizen in 't jaar 1636, die een Braaf Historyschilder geweest is; en na dat hy uit Italie wedergekeert in Holland veele fraaije konstwerken gemaakt had, stierf hy in 't jaar 1686.