Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen (1753) vol 3.pdf/208

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

noot, die te gelyk met hem, in den jare 1666, in Italien geweest is,
ADRIAAN BAKKER, geboren tot Amsterdam, groot Historie- en pourtretschilder. Onder zyne voorname Konstwerken word getelt het stuk op 't Stadhuis van Amsterdam geplaatst, tegen het wulfsel boven den ingang van de pleitkamer, verbeeldende het laatste Oordeel, waar in zig konstig geteekende naakten doen zien, waar in hy meer, als in zyn wyze van schilderen geprezen word. Hy was een Broers Zoon van Jacob Bakker, waar van wy op 't jaar 1609, gemelt hebben; en is gestorven (na my berigt is) tot Amsterdam, in den jare 1686.


Wat landsman HORATIUS PAULYN was, weet ik niet, maar hy heeft altyd in Holland, inzonderheid tot Amsterdam, zig onthouden. Hy was naar 't scheen een man, die de godvrugt beminde, maar schilderde somwyl voorwerpen, die nergens minder dan daar na geleken. Joh. Voorhout heeft my verhaald, dat hy 'er eens een kleen stukje van gezien heeft, dat zoo vuil en ydel in zyn vertooning was, dat hy zig van wegen den maker schaamde; maar 't was kragtig en uitvoerig geschildert. De Konsthandelaar Gerard Uilenborg, had een stukje van hem, dat hy wel op 200 Ducatons waardeerde.

HORATIUS vertrok onder het gezelschap van Jan Rote (die van een optogt naar 't Heilig Land maalde) meê, eerst naar Engeland, en van daar naar Hamborg, om aanhang te werven. Maar zulks liep niet al te breed voor wind, door dien zy nu en dan tegenstrevers ontmoetten, en ook van hun kisten, opgevult met Stamvanen en Standaarden, waar mede zy het Heilige Land zouden intrekken,