Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen (1753) vol 3.pdf/217

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

ding. Alle de genen die dit voordeel bezitten vinden alle zaken gedaan. Deze Hoedanigheid maakt hun alles licht; zoo dat zy nergens door worden belemmert, en overal met lof uitkomen. De middelbare hebben zelfs dikwils voor uitmuntende gegaan; om dat zy van deze Heerschappy( vrypostigheid) wierden geholpen. Zy die dezen geest niet bezitten, komen met wantrouw in de bedryven. Uit het klein vertrouwen ryst vreeze, het doet de Redenkaveling ophouden, het spreken verstremmen, en de bedryven blyven verstikt in de bedwelmtheid. Maar wat zal ik hier op zeggen? 't is niet altyd in 's menschen vermogen, de gebreken der natuur te heelen. De grootste verstanden hebben schipbreuk geleden op deze klip. Jean Rufé, een van de grootste Geesten, en vermaartste Redenaars in Spanje, en dien Gratiaan by uitnementheid den vernuftigen noemt, verbeelde zig, dat hy niet ontroert zoude wezen in de tegenwoordigheid des Konings, zeggende, dat de Koningen menschen waren, dat men verstant en oordeel moest ontbreken, om bevreest te zyn in de tegenwoordigheid van zulk een Koning te spreken, die met zoo groote zedigheid en vriendelykheid gehoor gaf, en van wiens tegenwoordigheid men niet wist dat iemant ooit ongenoegt was afgekomen. Maar daar van daan gekomen, moest hy bekennen dat hy zoo wel als anderen door bedeestheid in verwarring geraakt zyn noordstar gemist had. Gelyk ook de Jesuit Possevin, wanneer hy eenige belangen aan Philips den II. Koning van Spanje had voor te dragen, bleef stok stil staan, op het tweede point van zyn gesprek. Dus de Koning, om hem uit die verwartheid te helpen, zeide: zoo gy een geschrift hebt, ik zal het nemen, en uw zaak doen bevorderen.