Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen (1753) vol 3.pdf/378

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

hier aan: dat, wanneer de muuren van die kamer jaarlyks worden gewit of schoon gemaakt, dit beteekende vak alleen word uitgezondert; om tot een proefstuk van Konst altyd te pronken.

Myn pen heeft Bunnik vervolgt tot in zyn geboortestad: nu rest 'er nog te zeggen, dat hy ten eersten aangezogt werd om op 't Konings Huis van 't Loo verscheide groote landschappen te schilderen, gelyk ook naderhand op het Huis van den Heer van Odyk te Zeyst, als mede op het Huis te Voorst. Waar aan men zien kan wat zyn penceel vermogt. Hy is nog in leven en woont te Utrecht.


Het beurt maar zelden, dat, na verloop van tyden, dingen gevallig zig samenschikken als voor henen.

Het schikte zig zoo in de levensbeschryving der Italiaansche schilders door van Mander, dat Daniel Ricciarelli voor Taddeo Zucchero kwam te staan, waar uit van Mander reden vont om te zeggen: Dat Daniel door moeite en grooten arbeid zoo hoog in de Konst geklommen weder gedaalt is, en dat hy 't penceel voor den beitel verwisselende, by een pyl is te gelyken die met kragt in de hoogte opgeschoten straks weder tot de laagte daalt: maar dat die gene welken de Konst aangeboren is, hoe langer zy dezelve oeffenen, hoe zy daar in volmaakter worden. 't Welk hy op Zucchero toepast.

Met gelyke reden konnen wy dit op den Dordrechtsen Simon Germyn en onzen Leydschen Ridder en Konstschilder KAREL DE MOOR toepassen. De eerstgemelde maakte door moeite een goed begin. Zyn Konstzon rees, maar daalde straks zoo dat hy zig naderhand met de grove kwast