aalmoes van hem verzoekt en zig aanbiet hem te konnen voorzeggen 't geen hem in der tyd gebeuren zoude. Hy die weinig agt sloeg op dat zeggen, dog haar de vuist vulde, luisterde egter met verwondering toe, wanneer zy die hem nooit meer gezien had, nog gekent, wist te zeggen dat hy een schilder was, die naar Italie reisde om zyn Konst te oeffenen. Maar (vervolgde zy) gy gaat voor schilder daar heen, dog zult voor Bouwmeester wederkeeren in uw Vaderland, en tot groote werken gebruikt worden. Ook zal het oud Stadhuis van Amsterdam verbranden, en gy op den zelven gront een beter bouwen, waar door uw naam voor altoos berugt zal blyven. ’T gebeurde ook zoo: hy won de gunst van een Kardinaal die hem aanleyding tot de Bouwkonst gaf, waar van het begrip hem zoodanig toeviel dat hy verscheide roemwaarde werken voor den zelven deed maken.
Dit door het gerugt verspreit tot in Nederland, kreeg hy straks, weer gekeert van zyne reis, gelegenheid aan de hant; om zyn verstant in de Bouwkonst te toonen: gelyk wy daar van verscheiden stukken hebben opgetelt die geroemt werden, zoo dat wanneer het oude Stadhuis naderhand door de vlam verteert was, hy als de voornaamste Bouwmeester bekent, tot het bouwen van een nieuw gebouw gekeurt wierd.
Zie daar Lezer hebje het verhaal zoo zuiver als het my overhandigt is. Waarom zou ik 'er iets toe, of afdoen? ik zoek 'er niet op te schacheren of winst meê te doen: maar geef het voor denzelven prys, en in dezelve waarde als ik het heb ontfangen.
HENRIK CARREE geboren tot Amsterdam in den jare 1658, heeft tot onderwy-