Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen (1753) vol 3.pdf/60

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

de, en goed duits spreken konnende, vraagde hem naar de oorzaak, die hy zeide niet te weten. Waar op hy die genen vraagde die hem gevangen leyden, welke aan hem tot antwoord gaven: Dat zy vermoeden hadden dat hy een Toovenaar was, om zulke en zulke reden; waar uit bleek dat hun vermoeden buiten grond was, en zy hem buiten schult gevat hadden, 't geen hy hun beduide, zulks hy van zyn banden ontslaakt wierd, en de Hoofdschout naderhand zig niet konde onthouden van lachen, als hy hem maar ontmoette of aanzag, herdenkende dit geestige voorval.

HAKKERT weder in Holland gekomen heeft het dikwils in gezelschap zynde uit klugt vertelt. Hy hield veel vrientschap en kennis met Adr, van den Velde, die vele van zyne beste geschilderde landschappen en teekeningen met Beeldjes en Beesjes gestoffeert heeft.


Diergelyk een geval, als even verhaald is, gebeurde den Konstschilders THEODOOR WILKENS van Amsterdam, en HENDRIK VAN LSjabloon:As, Landschapschilder van Antwerpen in 't jaar 1711. Deze meer gewoon op sommige tyden des jaars eenige weken zig buiten Rome met teekenen naar bouwvallige Paleizen, Rotsen, Bergen en geestige Landgezigten bezig te houden; om zig door deze uitspanningen te verlustigen: hadden zig begeven tot Ronsieglone 42. Italiaansche mylen buiten Rome 't geen zy ten voorwerp verkozen om af te teekenen aan dien kant van de oude Stad, die bouwvallig en op een Rots gelegen hun teekenagtig voorkwam.

De tekenaars zetten zig op een bekwamen afstant neer, met hunne Portefolien, en Kapersol boven hun hoofd voor 't steken van de Zon. Zy waren