Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen (1753) vol 3.pdf/82

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

bedrieglyken schyn, even als of hy hier het oog op had, aldus:

De schyn, die met een volle kragt,
Is in de waereld ingesloopen.
Daar elk zig aan vergaapt, en agt
Iets groots, iets wezentlyks te koopen;
De gansche waereld is een schyn.
Zy doet te laat den menschen blyken.
Hoe veele dingen anders zyn.
Als zy te voor en wel gelyken.

Wanneer het gebeurde dat hy hier over werd aangesproken, zoo gaf hy tot antwoord: dat de kleuren zig nog langer hadden gehouden, dan het geld dat hy daar voor genoten had; want dat het al eerder uit zyn zak was vervlogen. Egter hield hy zig nog al een lange wyl te Dordrecht, en maakte de minnery by een Herbergierster, die hem met geld ondersteunde, tot dat zyne vrouw, hem op 't spoor gevolgt, te Dordrecht kwam vinden, waar door het zelve gestuit werd, en hy daar van daan raakte; zonder dat ik weet waar hy vervaren is.


Thans komt ten Toneel den braven MELCHIOR DE HONDEKOETER, geboren te Utrecht, in 't jaar 1636. Zyn overgrootvader (dus zeggen zyne Vrienden) was de regte Marquies van [1] Westerloo. Deze om de geweldenary der Spaan-

  1. ↑ Een oude en voorname Heerlykheid met een groot Slot, gelegen in de Meyery van Ghelen, tusschen Herentals en Diest, in Brabant: tot een Markgraafschap gemaakt van Filips de IV, Koning van Spanje, volgens de brief daar van gegeven tot Madrid in 't jaar 1626, ten gevalle van Filip, Baron van Merode. Brab. Illust.