een Glas- of Tafereelschilder geweest is weet ik niet, nog ook iets van zyn levenswyze en Konst. Maar in de buitencieraden van zyne in koper gesnedene Beeltenis, vertoonen zig Palet en Penceelen, en op den Boord van de Lyst staat PETRUS FEDDES PICTOR, 1615. dat ons hem doet onder de Konstschilders van de 15 Eeuw tellen. Van hem zietmen ook verscheiden geëtste Printen, gemerkt P. Harlingensis.
Gissen kan missen, zeit de oude Hollandsche spreuk. Dit zullen wy in het tegenwoordige voorwerp onzer bespiegeling,
HENRIK TERBRUGGEN, bewaarheid vinden. Korn. de Bie, en Joach. Sandrart noemen hem by vergissing VERBRUGGEN, en schryven dat hy tot Utrecht 1587 geboren is. Maar uit een gedrukte Notificatie of waarschouwing aan alle Liefhebbers van de Schilderkonst enz. is my gebleken dat gemelde Hen. ter Bruggen een Transisalanus, of Overysselaar was, geboren 1588, maar tot Utrecht trouwde, en woonde; want zyn vader kwam in den tyd der onlusten, oproeren en vervolgingen 1581 uit Overyssel vlugten tot Utrecht, en is hy, zyn Zoon, en deszelfs nageslagt daar zedert met 'er woon gebleven, uitgezondert dat thans zyn Zoonszoon Meester Hen. ter Bruggen in den Haag woond. Na dat hy de vaste gronden der konst by A. Bloemaart geleerd had, bekroop hem de reislust, en begeerte om groote Meesters op het loffelykste spoor te volgen. Dus heeft hy vele buitengewesten in zyn jeugt (behalve dat hy tien jaren te Rome gewoont heeft) bezogt; daar hy proefstukken van zyn uitnemende konst, bestaande in Historien gelaten heeft, inzonderheid, te Napels een groot stuk geplaatst boven het hooge Al-