Boekminnaars behouden. Onder de Boeken door hem zelf beschreven zyn my bekent: Zinnevonk op den Hollandschen Turf &c. Zinnedroom op het nieuw Wys Mal van den ouden Italiaanschen Smit enz. in 12. En 't Tafereel der belachende Waerelt. 1635. in 4.
Gelyk een geagt Dichter den luister van die Konst te kort doet wanneer hy zyne pen tot dertele Gezangen, Hekeldichten, en vuile belasteringen van zyn evenmensch gewent, niettegenstaande die dingen den Boekverkoopers dikwils meer voordeel bybrengen, en beter aan den man willen als wat goeds: zoo ontluistert een Konstschilder(zegt Plinius) 'de zede Konst, zoo wanneer zyn penceel slegts kroegen, hoerewinkels, en andere veragtelyke, en schaamagtige dingen maalt: gelyk gemelde Plinius al in dien vroegen tyd van eenen Pyrcicus, die niet als ergerlyke voorwerpsels en slegte grollen maalde, gewaagt.
Op 't laatst van de vyftienhonderste eeuw is'er geweest een JOHAN TORRENTIUS geboren tot Amsterdam in 't jaar 1589. Deze schilderde konstige en uitvoerige kleine naakten; maar de werkinge dier beeltjes, en 't geen dezelve verrichtten, was niet alleen schaamagtig om aan te zien, maar geil, onkuis, onbeschoft, of ergerlyk, verleidende, en aanlokkende tot vuile bedryven: zoo dat hem zulks te maken en te verkoopen striktelyk en met bedreigingen verboden wierd. Maar wanneer hy daar niet naar wilde luisteren of zulks gehoorzamen; denkende met 't ontkennen het goet te maken, werd hy door last van 't gerecht tot Amsterdam in hegtenis gebragt: en daar over verhoort weigerde hy te bekennen, dat hy de maker was van 't gene waar mede hy