Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen 1718 vol 1.djvu/84

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

Konstwerk zoo veel gekregen, als 'er nu voor betaald word, hy waar licht niet arm gestorven; want dat stukje 't geen Ceres verbeeld, daar zy een jongen, om dat die haar bespotte, in een Hagedis herschept, daar Ovid. in 't 5. B. af vermeld, en dat door H. Goud gesneden, in print uitgaat, is verkogt voor de somme van 800 gulden. Maar wat zal ik zeggen? de minste van de Konstenaars zien de waarde van hun Konst betalen by hun leven, en moeten zig overzulks met onzen Elshaimer getroost houden; die niets naargelaten heeft, voor al zyn vlyt, dan een beroemden naam, die met zyn doorblokte penceelwerken, eeuw in eeuw uit stand houden zal. In welk opzicht men zegt: ’t geen op een sprong gemaakt word, is met een weder gebroken. 't Geen een eeuw duuren moet, moet in een eeuw gemaakt worden. Het kostelykste van alle Metalen groeit allertraagst. Michiel Angelo, die zeer lang aan zyne werken bezig was, zeide: Dat de verhaasting niet docht in de Konsten: en dat gelyk de Natuur langen tyd bezig is om de dieren te vormen, die lang moeten leven; van gelyken ook de Konst, die zig voorstelt de Natuur te volgen, enz. De vroege lentevruchten kan men niet lang bewaren. Waarom ook Apelles eenen Schilder, die hem een zyner penceelwerken vertoonde, en daar nevens zeide, dat hy 't zelve in zoo korten tyd gemaakt had, tot antwoord gaf: Men heeft geen moeite om dat te gelooven, want men ziet het aan 't werk. Maar het was licht aan het penceelwerk van onzen Konstenaar te zien, dat hy 't met het kostelyke zweet van zyn vernuft, en door een weergadeloos gedult bearbeid had.

Sandrart zegt: Hy had een Roomsche Vrouw getrouwd, en had veel Kinderen: waar door hy in