Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen 1718 vol 1.djvu/85

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen

schulden verviel, arm werd, en eindelyk in de gevangenis raakte. In den jare 1632. leefde zyn vrouw noch, en verscheide zoonen, maar toen was hy al lang dood. David Tenier de Oude, heeft in Italien by hem geleert. Maar inzonderheid word zyn leerling Jakob Ernst Thoman van Landau, geroemt, die zyn handeling zoo net wist na te bootsen, dat 'er weinig onderscheid in te vinden was.

Van een geheel anderen aart en begrip was zyn jaargenoot LUCAS FRANCOOIS, de Oude. De Voorste beminde de stille eenzaamheid, deze het Hofgewoel: de eerste veragtte het geld, of behield niets, de laatste had het lief en bedienden zig daar van. Hunne begrippen verscheelden ook zoo veel, als hunne geboorteplaatsen van den anderen lagen; want hy begreep: dat de Hoven de fortuin van de Konst zyn, en dat men die by de hairen moet houden zoo lang zy hare gunst aanbied. Zes jaren heeft hy in Spanjen en Vrankryk zyn Konst, zoo wel in Historien als Pourtretten met lof geoeffent. Men ziet noch van zyn Konstwerken te Mechelen, daar hy geboren is, in het jaar 1574 op den 25 van Louwmaand, en is gestorven op den 16 van Herfstmaand 1643. naarlatende twee Zonen Pieter en Lucas, die brave Konstschilders geweest zyn, en dien wy op 't jaar van hunne geboorten zullen gedenken.

In den tyd dat Adam Elshaimer, daar wy even te vooren van gesproken hebben, te Romen was, was HENDRIK GAUD, geboren te Uitrecht, uit een doorluchtig geslacht, ook daar. Deze hield groote gemeenschap met Elshaimer, 't zedert hy kennis met hem gemaakt had, wanneer hy in Holland was, en had groote achting voor zyn Konst, waarom hy niet alleen kocht, 't geen hy maak-