en J O H . G O D E R I S . En onder de Landschapschilders roemt onze Schryver K O R N E L I S V R O O M , den Zoon van Hendrik Vroom, J O H . J A K O B S Z . die lange jaren in Italie was geweest, N I C O L . Z U Y K E R , G E R . B L E Y K E R , S A L O M . R U S T D A E L , R E Y E R , enz. Zoo gy een Schilder zoekt(zeit onze Schryver) van allerhande vrugten, hier hebt gyF L O R I S V A N D Y K , die met zyn Konstpenceel de beluste vrouwen, ja 't gevogelt zou konnen lokken, en verschalken, en in die zelve konstW I L L E M H E D A . Hy meld ook van eenen R O E L A N T V A N L A A R , den broeder van P I E T E R , die hy noemt Broeders van een bed, te Haarlem gewonnen en geboren, en van Kindsbeen af in de Schilderkonst geoeffent. Zy hadden beide eene wyze van Schilderen, en hebben eenige jaren te zamen in Italie gewoont. Roelant de oudste zynde, is in 't bloeijenst van zyn leven te Genua gestorven. Pieter is weder t' huis gekomen, en heeft zig een wyl tot Haarlem onthouden, maar konde Italie niet vergeten, dat altyd een voester is geweest van doorlugtige geesten; derhalven werd hy voornemens die reis op nieuws aan te vangen. Hy heeft dan van zyn vrienden afscheid genomen, dat zy nimmer zoude op zulk een wys weten waar hy vervaren was, dat ook Empedocles voor had, zeit onze Schryver, 't geen niet duister te kennen geeft dat de Schryver van zyn slegten uitgang wel geweten heeft, maar dit onder het zeldsaam koppig voornemenbedekt. Onder de Glasschilders van dien tyd roemt hy P E T . H O L S T E I N , en J O H . B O E C H O R S T , die de Triumf van D A M I A T E N in de glazen op de groote Zaal der Vroedschap van Haarlem geschildert heeft, daar S. Ampsing een langdradig rym op gemaakt heeft, 't geen dus begint:
Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen 1719 vol 2.djvu/149
Uiterlijk