Naar inhoud springen

Pagina:De Groote Schouburgh Der Nederlantsche Konstschilders En Schilderessen 1719 vol 2.djvu/168

Uit Wikisource
Deze pagina is proefgelezen
141
Schilders en Schilderessen.


Van eyke ribben. Mast en Kielen:
En Menschebeen tot stof gestampt.

PETER BOEL geboren te Antwerpen 1625, heeft zig gezet op ’t schilderen van alle soort van viervoetig gedierte, gevogelte en Bloemen; ’t geen uit het Lofdicht dat tot roem van zyn Konst gemaakt is kan gezien worden, daar de Dichter aanvang maakt met al de veranderingen, die hy zig tot voorwerpen van zyn Konstpenceel stelt, op een Lyst te stellen:

Zoo als ons Boel doet zien in ’t schilderen van Dieren
Die als in ’t Paradys door Konst op doeken zwieren,
Bevallig voor het oog, en daar niet aan ontbreekt:
Want ’t schynt dat in dees Konst een tweede leven steekt.

En lager........... Verheugt u alle dieren.
Uw Meester geeft ons oog een Paradysgevoel.
Dat Adam wierd ontzeit, verkrygen wy door Boel.

Onder zyne tydgenooten word getelt
JOANNES van HECK, een fraay meester in ’t schilderen van Lantschappen, Beelden, Gedierten, Bloemen, Fruit, Goud, Zilver, Kristal, en Porselein.

Al Wat de Waereld in hare omtrek houd besloten.
Zyn handeling is in het schild’ren algemeen:
En nochtans schynt elk in ’t byzonder ’t ware leven,
Zeer geestig uitgewerkt, en groots geordoneert,
Zoo veel als ’t Konstpenceel en verwen konnen geven,
Te Rome wel bekent, daar hy lang heeft verkeert.

Hy was geboren, tot Quaremonde buiten Ou-

de-