Deze pagina is proefgelezen
143
Schilders en Schilderessen.
Hier en zietmen niet verschynen
Als den Haas, Hond, en Konynen,
Als den Luypaard, Leeuw, en Stier,
Als den Egel, Das, en Gier;
Als de Brakken, snelle Winden,
Als de Harten, Reên, en Hinden,
Als de Paau, en schoon Phasant,
Die daar zwieren ’t allen kant:
Niet en vliegt ’er door de wolken,
Noch en duikter in d’aards kolken,
Of het komt hier al by een
Zoo gelyk ’t voor Noë verscheen.
Als den Haas, Hond, en Konynen,
Als den Luypaard, Leeuw, en Stier,
Als den Egel, Das, en Gier;
Als de Brakken, snelle Winden,
Als de Harten, Reên, en Hinden,
Als de Paau, en schoon Phasant,
Die daar zwieren ’t allen kant:
Niet en vliegt ’er door de wolken,
Noch en duikter in d’aards kolken,
Of het komt hier al by een
Zoo gelyk ’t voor Noë verscheen.
PEETER TYSENS was (zoo ’k uit den inhoud van ’t Brabants Rym bespeuren kan) een pourtretschilder, en ’t schynt my toe dat hem dat droevig lot, ’t geen de pourtretschilders in ’t gemeen plaagt, namentlyk de berispinge, mee is te beurt gevallen. Of dit volgende Rym nu tot zyn vertroosting is opgestelt, of dat het maar alleen ’t algemeene noodlot der Portret Schilders wil aanduiden weet ik niet, maar dit weet ik. Al schoon ’t een Kreupel Refereyn is, dat het de waarheid zeit:
Als ymants geest vervalt op ’t schild’ren van Pourtret,
Hoort hy van zyne Konst verscheyden oordeel geven,
Hoe aangenaam, en fraay, hoe suiver, kloek en net
Dat zy haar wezen draagt en toont gelyk het leven,
Soo weetmen noch al iet te zeggen op het belt
By die het minst verstaan van haar verholentheden,
Want schoon het op zyn maat en regel is gestelt,
Noch word al evenwel haar edelheit bestreden.
Hoort hy van zyne Konst verscheyden oordeel geven,
Hoe aangenaam, en fraay, hoe suiver, kloek en net
Dat zy haar wezen draagt en toont gelyk het leven,
Soo weetmen noch al iet te zeggen op het belt
By die het minst verstaan van haar verholentheden,
Want schoon het op zyn maat en regel is gestelt,
Noch word al evenwel haar edelheit bestreden.
ALEX-