bodem instorten, en die daar op stont been of arm breken. Overzulks heb ik (om dusdanige ongelukken voor te komen) voorgenomen een grendel aan den buitenkant van de deur te laten maken en zulks te beletten, het welk geschiedde. Dus wy ’er gemakkelyker afkwamen als die Knaap in de Klucht van den Druivendief. Met een woort gezeit: hy bestrafte met bedaartheid, en onderwees met wysheit.
Naar dat ik van hem af by my zelven de Konst naar ’t leven voort oeffende, heeft hy zich niet meer met het onderwyzen van Discipelen bemoeit zelfs ook het schilderen niet veel behartigt, maar alleen by lust zommige stukken die onderhanden gebleven waren opgemaakt. Want hy toen ook al van langzamerhand uit het gebrek (of lichaams kwaal) dat hy hadde, leerde staat maken dat hy eer lang almee den wech van alle vlees zoude moeten inslaan naar d’Eeuwigheit. Hy stierf te Dordrecht den 19 van Wynmaand des jaars 1678, en zyn Huisvrouw Sara Balen volgde hem in ’t zelve jaar op den 21 van Slachtmaant. Zyn Broeders zoon David van Hoogstraten maakte t’zyner gedagtenisse dit op zyne afbeeldinge door hem zelf geschildert:
Maer beter nog in zulk een reex van Schilderyen
Vol Kunst, die zynen naam van sterff’lykheid bevryen.
Nu stort de Dortsche Maegt haar tranen op zyn graf.
Zyn Broeder François van Hoogstraten vereerde hem met een Lykdigt, waar in hy hem sprekende