in stee van hem te gaan verwelkome wist hy niet waar zig van schaamte te bergen. Egter door vele aanradinge sprak hy den Lantgraaf, die hem verzocht wat voor hem te maken, met belofte van het zelve rykelyk te betalen, ’t geen hy beloofde, maar niet nakwam; want zyne Merkuriale geesten allengs vervliegende, werd hy 1705 al onder de dooden getelt. Beter verstont zyn ongelukkige overleden Vader, hoe men behoorde te leven in de Waerelt; want die aan B. Graat zyn Leermeester tot erkentenis van zyn goed onderwys in de Konst, van Frankfoort eenige boekjes, met Schaapjes en Geitjes, van hem zelf geestig in koper geëtst nevens zyn pourtret van Kiliaan gesneden overzond, van het welke wy ons bedient hebben in de Plaat K.
Wy willen ook niet verzuimen te gedenken aan zynen Oom THEODOOR ROOS, Broeder van Jan Henrik Roos, daar wy even te voren af gemelt hebben, geboren te Wezel in ’t jaar 1638 in Herfstmaant. By gevolge zeven jaar jonger. Deze inzonderheit tot de Konst geneigt werd met zyn twaalfde jaar bestelt by Korn. de Bie, zeit Sandrart. Maar hier ontrent moet een vergissing of drukfeil zyn ingeslopen, aangezien Kornelis de Bie geen schilder, maar Geheimschryver te Lier geweest is, en die alleen ter liefde van de Konst een Boek van ’t leven der Brabantsche schilders in vaarzen uitgegeven heeft. Dog des zelfs Vader Adriaan de Bie was een braaf schilder, en kwam van Rome in ’t jaar 1623, naar Brabant daar hy nog in ’t jaar 1660 woonde; en by gevolge moetmen voor Kornelis, Adriaan lezen, by wien hy bestelt werd om de Konst te leeren.