of door den bovensten ronden bol, heeftmen veel licht een Waereltkloot willen vertoonen tot welke gedachten deze woorden van Isidorus: Men zegt dat Augustus een Bol boven op de Krygsteekenen dede stellen, om dat de volkeren door de geheele Waerelt hem onderworpen waren, aanleiding geven. Is het een Laurierkrans, die zig op den top der spies vertoont, ’t is een zinteeken tot opwekking van eer en belooning, die op de Trouw, door de Rechterhand verbeeld, volgt, gelyk ten dien einde op den penning van Makrinus, met het opschrift Fides Militum, Trouw der Krygsknechten, de Trouw gezien wort met deze twee Krygsteekenen, de Rechterhand en den Krans, dat is, van Getrouwheit en Belooning. Zie 4.
In vroeger tyd onder Romulus eer, de Roomsche Monarchy tot zulk een grootte, en pracht was uitgedegen bond men een hand vol hooy aan een Spies, en gebruikte dat in plaats van een Vaandel of Legerteeken. Dit bevestigt Vulturius niet alleen, maar ook Naso, daar hy zeit: Dat de Eerbied toen zoo groot voor het hooy was, als naderhand voor de Krygsteekenen der Arenden.
Plutarchus zeit ook: Dat Romulus een meenichte volks verzamelt hebbende, de zelve verdeelde in hoopen van hondert Mannen, waar van elke hoop begeleid wierd van een voorganger, die een hand vol hooy of stroo op een Spies had opgesteken, waar na de volgers Manipulares. Handvolle genaamt werden, ’t welk de Latynsche Puikdichter Naso met deze woorden bevestigt:
Pertica suspensos portabat longa maniplos,
Unde Maniplaris nomina miles habet.