Naar inhoud springen

Pagina:Eene reis om de wereld (Hellema).djvu/232

Uit Wikisource
Deze pagina is gevalideerd

220

ik met den Heer B.; we hebben ruimte in overvloed en kunnen zonder bezwaar een paar koffers in de hut plaatsen. De salon is ruim, hoog, netjes; het aantal passagiers 1e kl. is niet groot, een dertigtal. Het dek is lang en breed, overdekt door eene dubbele tent. Ieder passagier heeft een gemakkelijken stoel, gewoonlijk rottingstoel (mailboot-model), meegebracht, die op het dek geplaatst wordt. Hier gezeten is het uitzicht op het watervlak onbelemmerd. Wil men eene wandeling doen van achteren naar voren, daartoe is het dek breed en lang genoeg. De passagiers der 3e klasse hebben een eenvoudig ingericht verblijf in het tusschendeks, voor in 't schip; de passagiers der 4e kl. zijn zoogenaamde dekpassagiers, Arabieren, Singaleezen en een enkele Chinees, die voor Ceylon en Aden bestemd zijn.

De kommandant, de Butler, is een in dienst der Messageries grijs geworden gezagvoerder; de scheepsofficieren hebben hun eigen verblijf en tafel. De kommandant en de commissaire, mail-agent, presideeren de tafels der passagiers 1e klasse. Op de brug mogen alleen de scheepsofficieren komen; de passagiers mogen zich met de navigatie niet bemoeien, ze kunnen geene inzage krijgen in de kaarten; des middags wordt de plaats, waar het schip zich bevindt, en de afgelegde afstand sedert den vorigen dag aan hen bekend gemaakt. Op den ruimen bak, het gedeelte opperdek bij den voorsteven, mogen de passagiers alleen komen, als het schip in volle zee is. Onder den bak bevinden zich de stallen en kooien voor het slachtvee en gevogelte, eene ware menagerie: prachtige Chineesche ossen, een twintigtal; eene groote kudde schapen en varkens, ganzen en eenden, kalkoenen en faisanten — alles voor de tafels der passagiers. Het behoort tot onze dagelijksche uitspanningen, een bezoek te brengen aan deze menagerie; terwijl men voor de hokken staat, heeft men tevens gelegenheid achterwaarts de dekpassagiers gade te slaan, de Arabieren en Singaleezen, die verwonderlijk goed zich weten te schikken in de hun toegewezene, zeer beperkte ruimte. Er bevindt zich aan boord een ruime ijskelder, zoodat er steeds versche visch is. Alle dranken worden door ijs afgekoeld. Eten en drinken is alhier voor de passagiers de voornaamste bezigheid: vijfmaal wordt de bel geluid: des morgens ten 6 uur voor koffie of chocolade met Amerikaansche beschuitjes, ten 9½ uur dejeuner-dinatoire; ten 12 uur bouillon, wijn en vruchten, ten 5 uur diner: soep, tal van vleeschgerechten en groenten, met dessert; even als ten 9½, wijn en bier à discretion; des avonds ten 8 uur thee; en later grog, bier, ijs, naar believen. Fransche hofmeester met de noodige bedienden aan tafel en voor de hutten, vrouwelijke bedienden voor de dameshutten. Chineesche bedienden voor het grove werk. Er zijn twee reeksen tafels in de groote salon; bij het dejeuner en diner scheiden zich