Naar inhoud springen

Pagina:Eene reis om de wereld (Hellema).djvu/242

Uit Wikisource
Deze pagina is gevalideerd

230

met vasten tred voorwaarts. In 1860 nam de Compagnie, op gezach van den onderkoning, bezit van de landengte, richtte in de lijn tusschen Port-Saïd en Suez een groot aantal posten op, vanwaar de verschillende gedeelten der doorgraving, nagenoeg gelijktijdig, een aanvang namen. In 1861 werden de wateren van den Nijl bij El-Guisr gebracht. In Febr. 1862 was het zoetwaterkanaal gereed tot Timsah. Den 18 Januari 1868 sterft Mohammed-Saïd te Caïro en wordt opgevolgd door Ismaïl-Pacha, die de doorgraving eveneens met hart en ziel bevordert. In dit jaar is de woestijn der landengte met 35000 menschen, waaronder 1500 Europeanen, bevolkt, alle in dienst van de Compagnie, onder het opperbestuur van de Lesseps. Medio 1864 bepaalde Napoleon III, als scheidsrechter daartoe geroepen, dat het zoetwaterkanaal in eigendom zou overgaan aan Egypte, zoomede het terrein van de Compagnie, die in toto 84 millioen francs schadevergoeding ontvangt. Hiermede was voor goed de tegenstand der Engelsche regeering gebroken, zoodat in April 1865 Engelands ambassadeur, sir H. Bulwer, bij zijn tweede bezoek aan het kanaal, openlijk de bekeering van Engeland bekent.

Reeds het volgende jaar trekt de Abyssinische expeditie groot voordeel uit het reeds in exploitatie zijnde kanaal (gedeeltelijk nog zoetwaterkanaal). In Juli 1868 heeft de vaart reeds geregeld plaats tusschen de beide zeeën, vanaf: Ismaïlia tot aan Suez langs het zoetwaterkanaal. Den 10 Maart 1869 storten de wateren der Middellandsche zee en den 16 Aug. van dat jaar die der Roode Zee zich uit in de Bittere Meren.

Eindelijk telegrafeert de Lesseps, den 28 Sept. 1869, naar Parijs, dat hij in den tijd van 15 uur van Port-Saïd gestoomd is door het maritieme kanaal naar Suez. Welk een zalig gevoel van voldoening moet den man bezield hebben gedurende dezen tocht!

Doch wij willen onzen tocht aan boord van de Anadyr vervolgen door de landengte van Suez, tusschen twee werelddeelen, langs een vaarwater, waarvan de geschiedenis, zooals Olivier Rit (Histoire de l'Isthme de Suez, 2e Ed. 1869) en Fontane en Riou (le canal maritime de Suez illustré, 1869) deze ons meedeelen, zoozeer ieder geboeid heeft. Met klimmende belangstelling beschouwen wij het kanaal, zooals het zich voor ons opent, Azië ter rechter, Afrika ter linker zijde.

Bij Suez loopt het kanaal nog een vijftal kilometers door de lagunen van Suez, waarna het uitzicht aan beide zijden door hooge zandwallen wordt beperkt; aan gene zijde van den Afrikaanschen wal bevinden zich op korten afstand van elkander, en in gelijke richting loopende als het maritieme kanaal, de spoorweg en het zoetwaterkanaal. De afstanden in het Suez-kanaal worden gerekend bij kilometers; Suez ligt op 160 k.m. Op 140 k.m.