Pagina:Evangelische gezangen om nevens het boek der psalmen bij den openbaren godsdienst in de Nederlandsche Hervormde gemeenten gebruikt te worden.djvu/62

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is proefgelezen
36
GODS VOORZIENIGHEID.

5.

Wat troonen zinken, Heer der heeren!
Gij blijft in eeuwigheid regeren,
 Uw is de kracht, de majesteit:
’t Moet alles voor uw wenken bukken,
Niets kan zich aan uw magt ontrukken;
 Maar deze magt werkt zaligheid.

6.

O Vader! wat wij ooit bedoelen,
Van U afhanklijk ons te voelen
 Zij onze blijdschap hier beneên;
Woudt G’altijd onzen wensch verhooren,
Dan was ’t geluk voor ons verloren:
 Uw wijsheid kent ons heil alleen.

7.

Laat nimmer ons te dwaas begeeren,
Dat G’onze dagen moogt vermeêren,
 Noch jagend wenschen naar den dood:
In uwe hand zijn w’altijd veilig,
Al wat Gij doet is wijs en heilig,
 En liefd’ is al, wat Gij besloot.

8.

Leer ons dan steeds op U vertrouwen,
Op uw bestelling hope bouwen,
 Geef ons, dat wij den kostbren tijd
Getrouw in uwen dienst besteden,
Om door ’t geloof Hem natetreden,
 Door wien Gij onze Vader zijt.

9.

Zoo zal ons hart den dood verachten,
En vrolijk op uw toekomst wachten:
 Och! houd ons steeds voor U bereid;
Zoo zij ons sterven, vroeg of spade,
Om Jezus bloed, door uw genade,
 Een ingaan in de zaligheid.

XX.