Pagina:Frank van der Goes Herinneringen Nieuwe Gids (1931).pdf/27

Uit Wikisource
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Deze pagina is gecontroleerd


in de eerste plaats bedenke men dat deze inleiding niet alleen deze gedichten aankondigde. „La pièce", weten we, heeft waarlijk niet lang op zich laten wachten. Maar dit kon Huet niet weten en nog minder was hij geneigd het te verwachten; de waarheid dat Jacques Perk inderdaad een voorganger was, moest bovendien nog blijken uit het andere feit, dat er opvolgers kwamen.

Nog iets anders kan men uit de aanteekening van 1884 afleiden: op het gezegde over den invloed van Shelley in het algemeen en over de navolging van „The Cloud" in 't bijzonder is Huet waarschijnlijk gebracht door de genoemde voorrede, waarin de bekende plaats voorkomt over de „eeuwig vloeiende wel van aandoening en zaligheid, den onvergelijkelijken „Epipsychidion"...


V


Tot de stukken over de betrekkingen tusschen Busken Huet en de Tachtigers behoort een brief van hem zelf aan een der redakteuren van den Nieuwe Gids, zeer kort voor den dood van den meester geschreven. In antwoord op de toezending van het eerste deel zijner studie over den tijd „Toen de Gids werd opgericht" ontving Albert Verwey een antwoord dat in de in 1890 uitgegeven bundels ontbreekt en met vriendelijk verlof van den eigenaar hier voor eerst in zijn geheel wordt afgedrukt.

26