familie, van de reede van Batavia onder zeil ging [1]. Voor zijn transport was aangewezen het jacht "de Sperwer"[2]. Aanvankelijk was dit vaartuig bestemd om deel uit te maken van "de eerste besendinge" naar Taijoan; het was echter aangehouden om daarop eenig krijgsvolk te laten overgaan dat uit het vaderland werd verwacht. Toen dit uitbleef en "het moeson al hoog begon te verloopen", werd besloten om in de behoefte aan soldaten voor Formosa op andere wijze te voorzien en aan "de Sperwer" "zijn affscheijt te geven"[3].
Voor het overbrengen van een hoogen Compagnie's dienaar is "de Sperwer" misschien bij uitstek geschikt geweest; ook de Ed. Heer Joan Cunaeus "Raad Ordinaris van India en expres Ambassadeur aan den Grootmogenden Coninck van Persia" had, twee jaren te voren, aan boord van dit jacht de reis ondernomen[4].
- ↑ "Genoemde Heer Cornelis Caesar is tot becledinghe van sijn opgeleijde chergie met desselfs familie den 18 Junij laestleden pr 't jacht de Sperwer uijt Batavia reede naer Taijouan genavigeert, cargasoen ƒ 64994.17.4" (Gen. Miss. 19 Jan. 1654). Vgl. Dagr. Bat. 1653, bl. 84 en Bijlage IIIA, 3.
- ↑ "Soo is dan mede verstaen het Jacht Sluijs dat tot de Taijouanse besendinge mede al eenige tijt aengeleght sij geweest alhier overtehouden, ende in desselfs plaets naer Taijouan de Fluijt de Sperwer te gebruijcken die wat grooter van last is" (Res. 9 Mei 1653).
- ↑ "Alsoo het Jacht de Sperwer dat volgens resolutie van dato den 9en Maij tot de eerste Taijouanse besendinge aengelecht sij geweest, tot noch tot de komst van de vaderlantse retourvloot opgehouden sij geworden om tot transport van eenige krijgsmacht, die wij met genoemde vloot met verlangen te gemoet sien, te konne dienen, ende alsoo deselve buijten gissingh nu komt te tardeeren, het mouson al hooch begint te verloopen om dese besendinge haer voortganck te laten..., is dierhalve in Raaden goetgevonden ende verstaen den 17 deser genoemde Jacht sijn affscheijt te geven en tot transport van de Heer Caesar die als Gouverneur naer Taijouan staet te vertrecken, te dienen ende met deselve 50 militaire coppen tot versterckinge van het Taijouanse garnisoen te laten inbarcqeeren" (Res. 6 Juni 1653). Zie ook de "Zeijlaas ordre". Bijlage IIIA, 2
- ↑ Den 15en Sept. 1651 ging de Sperwer van de reede van Batavia onder zeil en kwam
om na Taijoan te vertrecken ende aldaer 't gouvernement van den E. Nicolaes Verburgh over te nemen mitsgaders de verdre scheepsopperhoofden, wert des middaghs ten huijse van d'Ed, heer generael een vrolijck scheijdmael gegeven, daer hem de heeren Raden van India ende meest alle de gequalificeerde Comps, dienaren alhier, nevens hare huijsvrouwen, als andere genoode gasten, mede laten vinden" (Dagr. Bat. 16 Juni 1653, bl. 82). — In den namiddag had plaats "de publijcke authorisatie van d'E Hr. J, van Maetsuijker in 't generale gouverne van India", welke wederom met "een frisschen dronk" werd bezegeld (a, v, bl. 84). — In Res. 16 Dec. 1681 wordt gesproken van het "ordinaire scheijdmaal" voor de zeilree liggende retourschepen.